Hoe schrijven we jaartallen, zoals 1506, 1993 en 2004, voluit?
Jaartallen volgen dezelfde regels voor aaneenschrijven als gewone telwoorden. Correct is dus vijftienhonderd(en)zes, negentienhonderddrieënnegentig en tweeduizend (en) vier.
De delen van een hoofdtelwoord schrijven we aan elkaar vast:
17: zeventien,
28: achtentwintig,
99: negenennegentig,
102: honderd(en)twee,
537: vijfhonderdzevenendertig,
1204: twaalfhonderd(en)vier,
1492: veertienhonderdtweeënnegentig,
738 000: zevenhonderdachtendertigduizend.
Jaartallen als negentienhonderdzevenentachtig schrijven we dus ook aaneen.
Na het woord duizend komt er een spatie:
3025: drieduizend vijfentwintig,
7002: zevenduizend (en) twee,
127 317: honderdzevenentwintigduizend driehonderdzeventien.
Dat geldt ook voor jaartalllen, bijvoorbeeld tweeduizend (en) vijf.
De woorden miljoen, miljard, triljoen enzovoort blijven los:
949 822 123: negenhonderdnegenenveertig miljoen achthonderdtweeëntwintigduizend honderddrieëntwintig,
5 426 000 000: vijf miljard vierhonderdzesentwintig miljoen,
33 000 000 000 000: drieëndertig biljoen.
Bij klinkerbotsing krijgen getallen in letters, hoewel het samenstellingen zijn, een trema. Voorbeelden: tweeëndertig, drieënhalf, vijfhonderddrieëntwintigduizend.
Aaneenschrijven van telwoorden (Leidraad 6.9)
Aaneenschrijven van telwoorden (algemeen)
1ste, 2de, 3de / 1e, 2e, 3e
10.000.000 / 10 000 000
Tweeduizend zes / tweeduizend en zes