Wat is de correcte notatie in cijfers: 8h30, 8u.30, 8.30 u. of 8.30 uur?
In een gewone tekst is 8.30 uur of 8.30 u. correct. Het internationale symbool h wordt vooral in technische en wetenschappelijke teksten gebruikt.
In het algemene gebruik heeft de voluit geschreven vorm uur de voorkeur. Uur kan eventueel afgekort worden tot u. Uur of u. staat na de cijfers, niet ertussen.
(1) De vergadering begint om 8.30 uur.
(2) Openingstijden: 9.30 - 12.30 u.; 13.30 - 18.30 u.
In technische en wetenschappelijke teksten zijn de symbolen h, min en s gebruikelijk. Deze symbolen zijn internationaal afgesproken en vastgelegd in een ISO-norm (International Organisation for Standardization). Ze staan tussen de cijfers: 17 h 03 min 16 s. Daarnaast is een notatie met dubbele punten mogelijk: 17:03:16.
Het symbool h is in het algemene taalgebruik ook gangbaar in snelheidsaanduidingen.
(3) De wegpiraat reed met een snelheid van 150 km/h door de binnenstad.
In niet-wetenschappelijke teksten zijn ook de afkortingen min. (minuut) en sec. (seconde) mogelijk. In uuraanduidingen worden deze afkortingen niet vermeld. Ze kunnen wel voorkomen in andere contexten.
(4) Voeg de bouillon en de citroenblaadjes toe en laat de saus 30 min. sudderen.
Symbolen voor grootheden en eenheden (algemeen)
10.000.000 / 10 000 000
1ste, 2de, 3de / 1e, 2e, 3e
Acht uur zeventien / zeventien over acht / dertien voor halfnegen
Drieënnegentig / 93
Euro: streepje achter de komma in hele bedragen?
MA, BSc, MBA en RA (voor of achter de naam?)
Na / over (tien - drie)
| NBN Z 01-002 (2002), p. 7 |
De wettelijke symbolen om de eenheden van tijd aan te duiden zijn vastgesteld door de wet van 16 juni 1970 betreffende de meeteenheden, de meetstandaarden en de meetwerktuigen en haar uitvoeringsbesluiten (zie ook NBN EN 28601). Hieruit volgen de onderstaande voorbeelden:
14 h 45 min of 14:45 14 h 45 min 50 s of 14:45:50 Het symbool h voor de tijdseenheid uur wordt soms op informele wijze vervangen door de afkorting u. 14 uur 14 u. 14.45 uur of 14.45 u. |
| NBN Z 01-002 (2002), p. 4 | In de bebouwde kom mag je maar 50 km/u rijden. |
| Woordwijzer (1998), p. 44-46 |
Eenheden worden in het algemeen met symbolen weergegeven. De symbolen voor eenheden die tot het SI (Internationaal Stelsel van Eenheden) behoren en de symbolen voor enkele eenheden die daarmee samen mogen worden gebruikt, liggen in normen vast (in Nederland respectievelijk in NEN 999 en NEN 1000, in België in de normen NBN X 02-001, NBN X 02-002 en in de normenreeks NBN X 02-100 t.m.-113).
VOORBEELDEN (…) h uur (…) km/h kilometer per uur |
| Taalboek Nederlands (2003), p. 406 |
In tijdsaanduidingen gebruikt men een punt of – in de wetenschappelijke notatie – een dubbele punt. Als er slechts één naam van de tijdseenheid wordt vermeld, komt die na de cijferreeks. In niet-technische taal gebruikt men uur (u.), minuten (min.), seconden (sec.) en niet h, m, s en evenmin tekentjes als °, ', ".
De bijeenkomst eindigde om 10.20 uur met een applaus voor de voorzitter. De wedstrijd wordt van 20.30 tot 23 u. gespeeld. De pendel ging om 13:48:12,50 de ruimte in. De pendel ontplofte om 11 h 39 min 13 sec. |
| Schrijfwijzer (2002), p. 378 | Een punt dient ook als minuutaanduiding: 14.00 uur of 14.- uur of 14.23:23 uur (het deel na de dubbele punt geeft de seconden aan). |