Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Verbogen / onverbogen bijvoeglijk naamwoord zonder betekenisverschil (algemeen)

De meeste bijvoeglijke naamwoorden hebben in het Nederlands een onverbogen vorm (zonder -e) en een verbogen vorm (met -e).


Algemene regels

1. Een verbuigbaar bijvoeglijk gebruikt bijvoeglijk naamwoord wordt altijd verbogen als het voor een enkelvoudig de-woord staat. Bijvoorbeeld: de gele bloem, een mooie auto, blauwe lucht.

2. Een verbuigbaar bijvoeglijk gebruikt bijvoeglijk naamwoord wordt altijd verbogen als het wordt gecombineerd met een zelfstandig naamwoord in het meervoud. Bijvoorbeeld: grote huizen, de gele bloemen, mooie auto's.

3. Een verbuigbaar bijvoeglijk naamwoord voor een enkelvoudig het-woord wordt verbogen als het bijvoeglijk naamwoord wordt voorafgegaan door: het, dit, dat, een bezittelijk voornaamwoord of een vooropgeplaatste genitief. Bijvoorbeeld: het rode huis, dit lekkere bier, dat mooie meisje, haar dure instrument, Jans nieuwe fietsje. In de volgende voorbeelden blijven de bijvoeglijke naamwoorden dus onverbogen: een wit paard, elk rood huis, menig lekker bier, zo'n duur instrument, fijn zand.


Uitzonderingen

Een verbuigbaar bijvoeglijk gebruikt bijvoeglijk naamwoord blijft bovendien meestal onverbogen in woordcombinaties die als 'vaste verbindingen' beschouwd worden, zoals:

1. officiële termen en benamingen: het bijvoeglijk naamwoord, het lijdend voorwerp, het Koninklijk Besluit, het Algemeen Nederlands, het Openbaar Ministerie, het Europees Parlement, het Belgisch elftal;

2. officiële titels die een bepaald beroep of een bepaalde functie aanduiden: de plaatsvervangend kantonrechter, de Algemeen Secretaris, de buitengewoon hoogleraar.

Een verbuigbaar bijvoeglijk naamwoord kan ook onverbogen blijven om welluidendheidsredenen, namelijk bij meerlettergrepige bijvoeglijke naamwoorden op -lijk of -ig voor het-woorden en bij meerlettergrepige bijvoeglijke naamwoorden in de vergrotende trap: het onbegrijpelijk verhaal, ons gezellig hotelletje, een voortreffelijker dokter.

In een aanspreking kan naast de onverbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord, ook de verbogen vorm voorkomen. Bijvoorbeeld: lief kind, maar ook lieve kind.

Vooral in Nederlandse krantenkoppen komen verbogen bijvoeglijke naamwoorden voor die schijnbaar in strijd zijn met de algemene regels. Die gevallen kunnen beschouwd worden als verkortingen. Zo is de krantenkop Amsterdamse politiekorps te zwaar belast te beschouwen als een verkorting van Het Amsterdamse politiekorps te zwaar belast. In Belgische krantenkoppen gebruikt men in zulke gevallen gewoonlijk een onverbogen vorm: Antwerps politiekorps te zwaar belast.

Verbogen / onverbogen bijvoeglijk naamwoord met betekenisverschil (algemeen)

Continue / continu (een - proces)
Een energiek / energieke persoon
Enig / enige (het - juiste antwoord)
Geacht/ geachte jurylid, Best / beste jurylid
Gebruikelijkere / gebruikelijker / meer gebruikelijke (de - werkwijze)
Heel de wereld / de hele wereld
Hele / heel (een - mooie film)
Het culturele / cultureel erfgoed
Nationaliteit: Nederlands / Nederlandse
Onze uiterste best / ons uiterste best
Plastisch(e) chirurg
Procent (een halve / half -)
Relaxede / relaxte
Scheikundige / scheikundig ingenieurs
Thuis (een goede / goed -)
Vrolijk(e) Pasen
Zonnigere / zonniger seizoenen

Naslagwerken

ANS (1997), p. 400-412 of online via de E-ANS; Taalboek Nederlands (1997), p. 118-120; Handboek Verzorgd Nederlands (1996), p. 69-70