Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Situeren (zich -)

Vraag

Kun je het werkwoord situeren in de standaardtaal ook wederkerend gebruiken, zoals in Dat voorval situeert zich in de negentiende eeuw?

Antwoord

Nee, in België wordt situeren soms wederkerend gebruikt, maar dat gebruik is geen standaardtaal.

Toelichting

Situeren betekent 'plaatsen, een plaats geven in de ruimte of de tijd' en, bij uitbreiding, 'iets/iemand in een bepaald verband brengen'.

(1) Die stroming is te situeren in de achttiende eeuw.

(2) Mendoza situeerde zijn roman in het Spanje van Franco.

(3) Kun je Shelley situeren in de romantiek in Engeland?

In België wordt situeren ook wederkerend gebruikt, met de betekenissen 'plaatsvinden', 'verband houden met', 'deel uitmaken van' en 'zich voordoen'. Dat gebruik van situeren is geen standaardtaal.

(4) De grote finale situeert zich in de laatste week. (in België, geen standaardtaal)

(5) Zijn opinie situeert zich in de algemene houding van zijn belangengroep. (in België, geen standaardtaal)

(6) De maatregel zal zich situeren in de algehele hervorming van de politiediensten. (in België, geen standaardtaal)

(7) Het grootste tekort situeert zich bij de luchthavens. (in België, geen standaardtaal)

Standaardtaal zijn naargelang van het geval onder meer zich voordoen, zich bevinden, verband houden met, deel uitmaken van, thuis horen in, plaatsen te gebruiken.

Zie ook

Inschrijven (zich - in)
Opmerken (zich laten -) / (willen) opvallen
Vervoegen / zich vervoegen bij
Zich laten opmerken / (willen) opvallen

Bronnen

Taalbeheersing in de Praktijk (1990), nr. 1, 17.

Naslagwerken

zich situeren
Grote Van Dale (2005)

[bij situeren] 2 (wederk.) (alg.Belg.N.) zich bevinden, syn. liggen (4), plaatsvinden; - verband houden met -, ingedeeld worden bij -, deel uitmaken van -

Kramers (2000)

2 ZN bepalen, vaststellen, plaatsen (…) zich ~ a) liggen, zich bevinden; zich voordoen: de gebeurtenis situeerde zich op de laatste dag

Correct Taalgebruik (2006), p. 228

[bij situeren (zich -), wordt afgekeurd] De reflexieve vorm 'zich situeren' is geen algemeen Nederlands. We gebruiken wel werkwoorden als zich voordoen, zich bevinden, liggen, schommelen tussen, thuis horen, plaatsen.

Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 247

[bij situeren, wordt afgekeurd] zich - in, liggen, staan, zich bevinden, thuishoren, zich voordoen, zich afspelen in

Taalwijzer (1998), p. 295

[bij situeren, wordt afgekeurd] niet: zich situeren; vgl. Fr. se situer

Stijlboek VRT (2003), p. 215

[bij situeren, zich ~, wordt afgekeurd] Leenvertaling uit het Frans, cliché. Algemeen Nederlands zijn: zich voordoen, zich bevinden, liggen, schommelen tussen, thuishoren, plaatsen e.d.

Vlaams-Nederlands woordenboek (2003)

[bij situeren, zich]

- zich afspelen, zich voordoen

- zich bevinden, liggen