Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Maximum capaciteit / maximumcapaciteit

Vraag

Wat is correct: maximum capaciteit of maximumcapaciteit?

Antwoord

De beide spellingen zijn in principe correct, maar de gebruikelijkste schrijfwijze is maximumcapaciteit. In combinatie met een langer, samengesteld woord wordt maximum – vooral in België – wel vaak los geschreven, bijvoorbeeld: de maximum opslagcapaciteit. In Nederland wordt in zulke gevallen doorgaans maximaal gebruikt: de maximale opslagcapaciteit.

Toelichting

Van oorsprong is maximum een zelfstandig naamwoord. Het wordt vaak met een ander zelfstandig naamwoord gecombineerd tot een samenstelling: maximumcapaciteit, maximumsnelheid, maximumbedrag, maximumtemperatuur enzovoort.

Maximum kan – vooral in België – ook als bijwoord gebruikt worden in de betekenis 'hoogstens, maximaal', bijvoorbeeld in een zin als Je mag maximum drie pogingen wagen.

Tot slot kan maximum – ook vooral in België – los voor een zelfstandig naamwoord gebruikt worden in de betekenis 'als maximum geldend', 'grootst mogelijk', 'maximaal'. Deze schrijfwijze komt vooral voor als maximum met een langer samengesteld woord wordt gecombineerd, zoals de maximum opslagcapaciteit, de maximum inkomensgrens, het maximum toerental. In Nederland is in dergelijke gevallen maximaal gebruikelijk in plaats van maximum.

Ook in combinatie met aantal of hoeveelheid wordt maximum vaak los geschreven, als er na aantal nog een ander zelfstandig naamwoord volgt: het maximum aantal werkuren, het maximum aantal vragen, de maximum hoeveelheid brandstof. Aaneenschrijven is echter ook correct (bijvoorbeeld het maximumaantal werkuren).

Hetzelfde geldt voor minimum, bijvoorbeeld minimumtemperatuur, minimum watertemperatuur, het minimum aantal vragen.

Zie ook

Samenstelling en afleiding aaneen (Leidraad 6.2)
Woordgroep of samenstelling? (Leidraad 6.8)

Bruto(-)inkomsten / netto(-)inkomsten
Maximum / maximaal
Standaard afmeting / standaardafmeting

Naslagwerken

 

maximum

minimum

Woordenlijst (2015)

zn. en bijw.

zn. en bijw.

Grote Van Dale (2005)

het; (…) de hoogste waarde die een veranderlijke grootheid bereikt of kan bereiken  (…) ook als eerste lid in samenst. als de volgende: maximumcapaciteit, maximumdiepgang, maximumdosis (…)

 

bijw. (alg. Belg.N.) met een maximum van, syn. maximaal, hoogstens antoniem: minimum

1de kleinste waarde

2 (bw.) (alg. Belg. N.) minimaal

Van Dale Hedendaags Nederlands (2008)

de hoogste waarde, het grootste, het meeste (…) het maximum aantal deelnemers (…)

[het] de laagste bereikte waarde

Koenen (2006)

I hoogste waarde of stand van een zaak; het grootste, het hoogste, het meeste (…); II bn hoogste, maximaal: het ~ aantal punten; (in sam) ~eis, ~waarde

I o.

II bn laagste, minimaal: het ~ aantal leerlingen; (in sam) ~eis, ~inkomen enz.

Taalwijzer (2000), p.

2) maximum kan ook als adj. Gebruikt worden en in samenstellingen (zo ook minimum).

-

Vlaams-Nederlands woordenboek (2003)

In België ook gebruikt als bijvoeglijk naamwoord of bijwoord

In België ook gebruikt als bijvoeglijk naamwoord of bijwoord

Het Witte Woordenboek Nederlands (2007)

I het 1 het hoogste, de grootste waarde van een veranderlijke grootheid: de temperatuur bereikte vandaag een ~ van 32 graden (…) 2 (m.b.t. salaris) ik ontvang het voor mij hoogst haalbare salaris, ook als eerste lid in samenstellingen: ~bedrag; ~leeftijd; ~snelheid

II bn BN grootst mogelijk, hoogste, maximaal: het ~ toerental is 11.000 omwentelingen per minuut

III bijw BN hoogstens, maximaal: men mag ~ drie foto's insturen

I het

II bijw BN op zijn minst, minstens, minimaal

Prisma Handwoordenboek Nederlands (2014)

I het 1 het hoogste, grootste of meeste van iets: tien is het maximum aantal boeken dat je per keer mag lenen bij deze bibliotheek; de temperatuur bereikte vandaag een maximum van 32 graden (…) 2 het hoogst haalbare, toelaatbare, ook als eerste deel van een samenstelling: (…) maximumbedrag; maximumleeftijd; maximumsnelheid

II bn 3 BN ook grootst mogelijk, hoogste, maximaal: het maximum toerental is 11.000 omwentelingen per minuut

III bijw 4 BN, spreektaal hoogstens, maximaal: men mag maximum drie foto's insturen

I het

II bijw BN, spreektaal op zijn minst, minstens, minimaal