Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Taaladvies.net

U bent hier: taalunieversum » taaladvies

Haar / zijn (het bestuur heeft - goedkeuring uitgesproken)

Vraag

Wat is correct: het bestuur heeft zijn goedkeuring uitgesproken of het bestuur heeft haar goedkeuring uitgesproken?

Antwoord

Correct is: het bestuur heeft zijn goedkeuring uitgesproken.

Toelichting

In de regel verwijzen we naar vrouwelijke woorden met het bezittelijk voornaamwoord haar en naar mannelijke en onzijdige woorden met het bezittelijk voornaamwoord zijn. Alleen naar onzijdige woorden waarvan het biologische geslacht vrouwelijk is, kunnen we verwijzen met haar.

(1) De regering heeft haar standpunt ingenomen. (regering = vrouwelijk)

(2) De koning heeft zijn besluit genomen. (koning = mannelijk)

(3) Het comité zal zijn rapporten binnenkort bekendmaken. (comité = onzijdig)

(4) Het meisje was op zoek naar haar broer.

Vooral in geschreven taal wordt het vrouwelijke bezittelijk voornaamwoord haar vaak ten onrechte gebruikt om te verwijzen naar verzamelnamen die het-woorden (zoals bestuur, collectief, comité) of mannelijke de-woorden (zoals bond, raad) zijn.

(5a) Het bestuur heeft haar goedkeuring uitgesproken. (twijfelachtig, bestuur is een het-woord)

(6a) Het comité zal haar rapporten binnenkort bekendmaken. (twijfelachtig, comité is een het-woord)

(7a) De raad moet haar beslissingen verantwoorden. (twijfelachtig, raad is een mannelijk de-woord)

Correct zijn:

(5b) Het bestuur heeft zijn goedkeuring uitgesproken.

(6b) Het comité zal zijn rapporten binnenkort bekendmaken.

(7b) De raad moet zijn beslissingen verantwoorden.

Bijzonderheid

Door naar verzamelnamen te verwijzen met de meervoudige woorden ze, zij, hen en hun, kunnen we de nadruk leggen op de individuele leden van de groep.

(8) Het comité gaf te verstaan dat een verhoging van hun presentiegeld nodig was.

(9) Het personeel protesteerde: ze trokken hun uniform uit en gingen de straat op.

(10) Ik denk aan het panel en de hulp die we van hen hebben gekregen.

Zie ook

Woordgeslacht algemeen

Haar / zijn (Pepsi heeft - winst verdubbeld)
Haar / zijn (Venetië en - gondels)
Haar / zijn (wie heeft - huiswerk niet gemaakt?)
Zijn / haar (de sollicitant)
Zijn / haar (zowel hij als zij ziet - budget krimpen)
Zijn / haar (de stad en - inwoners)

Bronnen

Onze Taal. Het team en zijn/haar inspanningen? Geraadpleegd op 27 maart 2008 via http://www.onzetaal.nl/advies/verwijs.php.

Naslagwerken

ANS (1997), p. 283-285 of online via de E-ANS; Geschiedenis van het Nederlands (1999), p. 177-179; Taalboek Nederlands (2003), p. 180; Schrijfwijzer (2005), p. 223