Categorie: woordgebruik
Vakantie (op / met -)
adviezen>woordgebruik>correctheid en betekenishet juiste voorzetselwoordkeuze en stijladviezen>grammatica>voorzetselwerkwoordVakantie (op / met -) Vraag Wat is correct: Morgen gaan we op vakantie of Morgen gaan we met vakantie? Antwoord Zowel op vakantie gaan als met vakantie gaan is correct. Toelichting Zowel op vakantie …
Op (het) vlak van / op (het) gebied van
adviezen>woordgebruik>correctheid en betekeniswoordkeuze en stijladviezen>grammatica>lidwoordOp (het) vlak van / op (het) gebied van Vraag Zijn de vaste combinaties op het vlak van en op het gebied van allebei correct? En kan het lidwoord het worden weggelaten? Antwoord Op het vlak …
Op de duur / op den duur
adviezen>woordgebruik>correctheid en betekenisadviezen>grammatica>lidwoordnaamvallenOp de duur / op den duur Vraag Wat is de juiste vorm: op de duur of op den duur? Antwoord Beide vormen zijn correct. Op den duur is een combinatie met een oude naamval; op de duur …
Paar (op de gang staat / staan een – schoenen)
adviezen>woordgebruik>correctheid en betekenisadviezen>grammatica>enkelvoud of meervoudvervoegingwerkwoordzelfstandig naamwoordPaar (op de gang staat / staan een – schoenen) Vraag Wat is correct: Op de gang staat een paar schoenen of Op de gang staan een paar schoenen? Antwoord Zowel het enkelvoud (staat) als …
Op een haar na (missen/raken)
adviezen>woordgebruik>correctheid en betekenisadviezen>grammatica>werkwoordOp een haar na (missen/raken) Vraag Welke formulering is correct als bedoeld wordt dat een vogel net niet geraakt werd door een schutter: De schutter miste de vogel op een haar na of De schutter raakte de vogel …
