Is valuta een meervoudsvorm of een enkelvoudsvorm met het meervoud valuta's?
Valuta (o.a. 'munteenheid') is eigenlijk enkelvoud, met de meervoudsvorm valuta's, maar wordt tegenwoordig veelvuldig als meervoud opgevat.
Het woord valuta is ontleend aan het Italiaans (oorspronkelijke betekenis 'waarde'), net als veel andere woorden voor begrippen uit de bankwereld (bijv. agio, bruto, netto, conto, deposito, giro, incasso, saldo). Sommige taalgebruikers denken ten onrechte dat valuta een Latijnse meervoudsvorm is bij het niet-bestaande enkelvoud valutum (vergelijk centrum - centra, datum - data, museum - musea enz.). Zo staat bijvoorbeeld in het Prisma Stijlboek: 'De namen van vreemde valuta kan men, om verwarring te voorkomen, als volgt afkorten:...'.
Dat valuta dikwijls per abuis als een meervoudsvorm wordt opgevat, komt waarschijnlijk ook doordat in het enkelvoud het onbepaald lidwoord een doorgaans ontbreekt, bijvoorbeeld: eigen en vreemde valuta, harde en zachte valuta.
Vrouwelijke Italiaanse woorden die in het enkelvoud uitgaan op -a, hebben een meervoudsvorm met de uitgang -e. Het meervoud van valuta is in het Italiaans dus valute. In het Nederlands krijgen Italiaanse leenwoorden op -a echter altijd de Nederlandse meervoudsuitgang -'s; het is dus valuta's, net als bijvoorbeeld firma's, kassa's, pasta's en pizza's.
Amice / amices
Casussen / casus
Centrums / centra, museums / musea
Collegae / collega's
Datums / data
Quotums / quota / quota's
Scampi / scampi's
Taalbaak 113.3; Nieuw stijlboek Volkskrant (1997), p. 170; Schrijfwijzer (1995), p. 114; Leenwoordenboek (1996) , p. 203, 208; Prisma Stijlboek (1993) , p. 249; Grote Van Dale (2005)