Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Moeten (dat moet nog afgesproken)

Vraag

Zijn uitdrukkingen als Dat moet nog afgesproken correct?

Antwoord

Ja, in principe wel, maar het gebruik ervan in de standaardtaal is beperkt.

Toelichting

De hulpwerkwoorden dienen, hoeven, horen, kunnen, moeten en mogen kunnen gecombineerd met een deelwoord voorkomen in zinnen zoals:

(1) Dat kan wel weggegooid.

(2) Hierbij dient opgemerkt dat de maatregel alleen van toepassing is op bedrijven met meer dan twintig werknemers.

Het betreft hier zinnen waarin het hulpwerkwoord van de lijdende vorm (te) worden niet uitgedrukt is.

In de praktijk worden dergelijke kernachtige formuleringen in de standaardtaal maar in beperkte mate gebruikt, het meest nog met dienen en moeten. De zinnetjes Dat dient gezegd en Dat moet gezegd kunnen zelfs als min of meer vaste uitdrukkingen beschouwd worden. Voor het overige verdient het aanbeveling slechts spaarzaam gebruik te maken van dit soort constructies, aangezien de meeste taalgebruikers de voorkeur geven aan zinnen met (te) worden, zoals:

(3) De formulieren dienen zo spoedig mogelijk ingeleverd te worden.

(4) Die oude schriften kunnen wat mij betreft weggegooid worden.

(5) Een precieze datum moet nog afgesproken worden.

Zie ook

Hoeven - moeten (in ontkennende zin)

Naslagwerken

 

moeten (met deelwoord)

Verschueren (1996)

2. (…) hij kan het niet helpen, dat moet gezegd

Taalwijzer (1998), p. 219

3) Tegen kernachtige wendingen als het moet, dient gezegd e.a. (zonder te worden) bestaat geen bezwaar.

ANS (1997), p. 961-962 of online via de E-ANS

De modale hulpwerkwoorden (be)hoeven, moeten, kunnen, mogen (…) evenals de nauw ermee verwante hulpwerkwoorden (be)horen en dienen (…) kunnen in korte, kernachtige zinnen gecombineerd voorkomen met een passief deelwoord. De infinitief waar dat deelwoord bij hoort, worden of te worden, is in zulke gevallen niet uitgedrukt. (…)

In welke gevallen het deelwoord zonder worden mogelijk is, kan niet duidelijk worden aangegeven. In ieder geval zijn de mogelijkheden beperkt. Een bijzonderheid is dat een passief deelwoord zonder bijbehorende infinitief vooral in onafhankelijke zinnen (met vóór-pv) gebruikt wordt. Verder is het verschijnsel alleen bij dienen en in mindere mate bij moeten vrij algemeen. Dat dient gezegd en dat moet gezegd gelden min of meer als vaste uitdrukkingen. Overigens hebben de meeste taalgebruikers een voorkeur voor zinnen waarin (te) worden wel uitgedrukt is.

Taalboek Nederlands (2003), p. 150

opmerking: de weglating van (te) worden na dienen, moeten, hoeven, kunnen, mogen wordt meestal als regionaal gekenmerkt.