Is het dreigen of gevaar lopen in: De arbeidsvrede dreigt/loopt gevaar verstoord te worden door de ontevreden vakbondsleider?
Beide zijn mogelijk in deze context.
Het werkwoord dreigen kan zowel betekenen 'iets slechts of vervelends in het vooruitzicht stellen' als '(van iets slechts of vervelends) op het punt staan te gebeuren'.
Voorbeeld: De ontevreden vakbondsleider dreigt de arbeidsvrede te verstoren. In deze zin kan dreigen beide betekenissen hebben: de vakbondsleider zegt - of stelt in het vooruitzicht - dat hij de arbeidsvrede zal verstoren; of: de vaksbondsleider staat op het punt om de arbeidsvrede te verstoren.
In de zin: De arbeidsvrede dreigt door de vaksbondsleider verstoord te worden, kan dreigen alleen de tweede betekenis hebben, namelijk 'de arbeidsvrede staat op het punt om door die vaksbondsleider verstoord te worden'. Het is dan synoniem met gevaar lopen te: De arbeidsvrede loopt gevaar door de vaksbondsleider verstoord te worden.
| dreigen | |
| Grote Van Dale (2005) |
I (onoverg.) 1. een of als een onaangename bejegening in het vooruitzicht stellen 2. als onaangename ervaring of ongewenste toestand in het vooruitzicht staan, resp. stellen: er dreigt gevaar; een dreigende storm; het dreigt te... 3. (...) II (overg.) 1. de uitgedrukte kwade bejegening of onaangename ervaring in het vooruitzicht stellen 2. bedreigen: als gevaren ons dreigen, is onze helper daar 3. (in zwakkere opvatting) gevaar lopen, op het punt staan: het huis dreigt in te storten, hij dreigde te vallen. |
| Van Dale Hedendaags Nederlands (1996) |
1. (van iets slechts of vervelends) op het punt staan te gebeuren, los te barsten => boven het hoofd hangen, in de lucht hangen: er dreigt gevaar, onweer; het huis dreigt in te storten |
| Van Dale Handwoordenboek (1996) |
1. (van iets slechts of vervelends) op het punt staan te gebeuren, los te barsten => boven het hoofd hangen, in de lucht hangen: er dreigt gevaar, onweer; het huis dreigt in te storten |
| Wolters-Koenen (1996) |
1. een kwade bejegening in het vooruitzicht stellen 2. te wachten staan: in dreigend levensgevaar; een dreigend ongeluk 3. gevaar lopen: de vergadering dreigde onhandelbaar te worden; de toren dreigde te vallen; het dreigt te regenen |
| Verschueren (1996) |
1. een kwade bejegening in het vooruitzicht stellen 2. boven het hoofd hangen, te wachten staan: de orkaan dreigt; een dreigende hartkwaal 3. gevaar lopen: de huizen dreigen in te storten; het dreigde te regenen |
| Kramers (1996) |
1. vrees trachten aan te jagen 2. (van iets onaangenaams) te verwachten zijn: hongersnood dreigt, dreigend onweer 3.(van iets onaangenaams) te verwachten geven: dreigen te slaan; de dijk dreigt door te breken |
| Correct Taalgebruik (1997), p. 77 | Men moet onderscheid maken tussen iets wat aan een gevaar is blootgesteld (gevaar loopt) en iets wat een gevaar oplevert (dreigt). - De arbeidsvrede loopt gevaar verstoord te worden door het huidige beleid. - Het huidige beleid dreigt de arbeidsvrede te verstoren. |