Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Aantal (een - mensen waren / was)

Vraag

Welk getal krijgt de persoonsvorm na een onderwerp met het hoeveelheidsaanduidende woord aantal: een aantal mensen waren of een aantal mensen was?

Antwoord

In de meeste zinnen is zowel enkelvoud als meervoud mogelijk. Soms dwingt de context een enkelvoudige of meervoudige persoonsvorm af.

Toelichting

Allereerst dient men een onderscheid te maken tussen woordgroepen met het aantal en woordgroepen met een aantal. De eerste krijgen altijd een enkelvoudige persoonsvorm:

(1a) Het aantal ouderen was verrassend groot

(1b) Het aantal ouderen waren verrassend groot. (uitgesloten)

De keuze tussen enkelvoud en meervoud doet zich alleen voor bij woordgroepen met een aantal. Als een aantal bedoeld is als hoeveelheidsaanduiding met de betekenis 'enkele' of 'verscheidene', is zowel een enkelvoudige als een meervoudige persoonsvorm mogelijk. Het meervoud is eenduidiger:

(2a) Een aantal ouderen waren (of: was) op de herdenking aanwezig. ('Enkele ouderen waren op de herdenking aanwezig.')

Soms dwingt de context een meervoudige persoonsvorm bij een aantal af, omdat bepaalde woorden maken dat een aantal alleen als 'enkele' geïnterpreteerd kan worden. Bijvoorbeeld een voor een of binnendruppelen:

(3) Een aantal ouderen kwamen een voor een binnen.

(4) Een aantal ouderen druppelden het café binnen.

Als een aantal moet uitdrukken dat het om een collectief (een groep mensen of zaken die bij elkaar horen) of een eenheid gaat, ligt een enkelvoudige persoonsvorm voor de hand:

(2b) Een aantal ouderen was op de herdenking aanwezig. ('Een groep ouderen was op de herdenking aanwezig' of 'Enkele ouderen waren op de herdenking aanwezig.')

(5) Een aantal vertegenwoordigers heeft een protestbrief ingediend.

Als een aantal nader wordt gespecificeerd door een bijvoeglijk naamwoord, heeft een enkelvoudige persoonsvorm de voorkeur: 'Een groot aantal ouderen kwam niet opdagen.'

De volgende woorden hebben een status die vergelijkbaar is met een aantal: een handjevol, een massa, een stel(letje) en een -tal (bijvoorbeeld een twintigtal). Een onderwerp dat een van deze woorden bevat, kan zowel met een enkelvoudige als met een meervoudige persoonsvorm gecombineerd worden:

(6a) Een honderdtal relschoppers werd gearresteerd.

(6b) Een honderdtal relschoppers werden gearresteerd.

Zie ook

Antibiotica werkt / werken goed (de -)
Die / dat (een aantal medewerkers -)
Een miljoen mensen keek / keken naar de wedstrijd
Media schrijft / schrijven (de -)
Paar (op de gang staat / staan een – schoenen)
Groep (een - ambtenaren gingen / ging)
Procent (tien - werkt / werken in deeltijd)
Soort (dit - mensen zijn / is onmisbaar)
Stuks (twee - fruit ligt / liggen klaar)
Tal van mensen komt / komen
Zo'n zeven miljoen Japanners beoefent / beoefenen kendo

Naslagwerken

Naslagwerk Regel
Vraagbaak Nederlands (2003), p. 124 Of na een aantal een werkwoord volgt in het enkelvoud of het meervoud, hangt af van de vraag of de hoeveelheidsaanduiding van belang is. Bij de voorbeelden hierboven is dat niet het geval: een aantal heeft de betekenis enkele of enige. Bij zulke zinnen mag je aan de oude schoolregel gehoorzamen die zegt dat na een aantal altijd een enkelvoud volgt, maar je mag ook voor het meervoud kiezen. Dat laatste is zeker niet fout, en wordt tegenwoordig steeds gewoner.
Schrijfwijzer (2002) , p. 196-197 Wanneer in 'Gisteren kwam/kwamen een aantal mensen op bezoek' een groep wordt bedoeld is het enkelvoud. Wanneer het accent ligt op de mensen, is het meervoud. Het enkelvoud duidt eerder de zogenoemde collectieve betekenis aan: de groep komt als geheel, op één tijdstip. Het meervoud wijst op de distributieve betekenis: de mensen komen afzonderlijk, op verschillende tijdstippen.
Kramers Stijlgids (2002), p. 10 Kies bij combinaties van woorden als aantal, handjevol, hoop, reeks en massa het meervoud, behalve als het accent ligt op het woord dat de hoeveelheid uitdrukt.
De taalgids (1999) , p. 24 Als de nadruk op aantal als een groep, als eenheid ligt, dan liever enkelvoud: Er liep een groot aantal mensen op straat. Denken we meer aan de afzonderlijke delen die dat aantal vormen, dan liever meervoud: Een groot aantal mensen hebben zich aangemeld (niet allemaal tegelijk).
Handboek Verzorgd Nederlands (1999) , p. 158-159 Maar veel taalgebruikers interpreteren de onderwerpen in deze zinnen als meervoudig. Een groot aantal mensen beschouwen zij als 'veel mensen' en daarom zetten zij ook de persoonsvorm in het meervoud: (...). Hoewel [zulke zinnen] voor velen heel acceptabel klinken, zouden wij er wat de schrijftaal betreft de voorkeur aan willen geven in deze gevallen steeds de persoonsvorm te laten congrueren met de kern van het onderwerp. (...) In enkele gevallen kan echter door toevoeging van bepalingen een meervoudige persoonsvorm afgedwongen worden.
Taalbaak 20 (1997) Zet de persoonsvorm na een aantal mensen, een aantal bedrijven enzovoort in principe in het enkelvoud (...). Niet alleen omdat het enkelvoud nog steeds het gebruikelijkst is en omdat veel taalgebruikers dat correcter zullen vinden, ook om de zaken eenvoudig te houden.
ANS (1997) , p. 1147 of online via de E-ANS Is zowel het enkelvoudige als het meervoudige substantief op te vatten als kern van de constituent, dan kan de persoonsvorm in het enkelvoud en in het meervoud staan. Deze mogelijkheid doet zich vrijwel alleen voor als het enkelvoudige substantief voorafgegaan wordt door het onbepaalde lidwoord een.