Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Weleens / wel eens

Vraag

Wat is correct: Ze wil weleens bungeejumpen of Ze wil wel eens bungeejumpen?

Antwoord

Als weleens de betekenis 'soms', 'ooit, wel een keer' of 'heel graag' heeft, wordt de combinatie in één woord geschreven. Als wel eens gebruikt wordt om een tegenstelling uit te drukken, is alleen de spelling in twee woorden correct.

Toelichting

In het Nederlands schrijven we een samenstelling aan elkaar en een woordgroep los. Soms is moeilijk uit te maken of een combinatie een samenstelling of een woordgroep vormt. Dat geldt ook voor wel()eens.

Weleens, in één woord, betekent 'soms', 'ooit, wel een keer' of 'heel graag' (met achterdocht gezegd).

(1) Het gebeurt weleens dat een gevangene ontsnapt. ('soms')

(2) Ik heb weleens gespijbeld. ('ooit, wel een keer')

(3) Jij kunt die plank met je rechterhand in tweeën slaan? Dat wil ik weleens zien. ('heel graag')

Bij contrastief taalgebruik moet wel eens in twee woorden geschreven worden. Er wordt dan een tegenstelling uitgedrukt met wat eerder is gezegd of wat al dan niet impliciet wordt verondersteld. Wel wordt dan met een klemtoon uitgesproken.

(4) Ik zou wel eens naar Afrika willen, in tegenstelling tot wat jij denkt.

(5) - Wil je dan geen afspraakje met hem? - Dat zie je verkeerd; ik wil wel eens met hem uit!

Bijzonderheid

Als we in de vaste combinatie het eens zijn (met) het bijwoord wel toevoegen, schrijven we wel eens altijd los. Wel drukt dan een vermoeden uit.

(6) De heren zullen het uiteindelijk wel eens worden. ('ermee eens')

Zie ook

Andere betekenis - anders geschreven (Leidraad 6.10)

Al weer / alweer
Allang / al lang
Allesbehalve / alles behalve
Als ook / alsook
Eens / is / es / 'ns / 's
Evengoed / even goed
Hoelang / hoe lang
Hoever / hoe ver
Nietwaar / niet waar
Te kort / tekort, te veel / teveel, te goed / tegoed
Ten slotte / tenslotte, ten minste / tenminste, ten einde / teneinde
Zo juist / zojuist, zo maar / zomaar
Zolang / zo lang
Zo veel / zoveel
Zover / zo ver
Zomin / zo min

Naslagwerken

Grote Van Dale (2005); Koenen (2006); Woordenlijst (2005)