Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Van wacht zijn

Vraag

Is van wacht zijn correct?

Antwoord

Ja, van wacht zijn is standaardtaal in België. Standaardtaal in het hele taalgebied is dienst (avonddienst, nachtdienst, weekenddienst) hebben.

Toelichting

De uitdrukking van wacht zijn is standaardtaal in België. Apothekers en dokters zijn van wacht als ze avond-, weekend- of nachtdienst hebben. Er wordt dan gesproken van de dokter, apotheker van wacht.

(1) Welke dokter is er vannacht van wacht? [standaardtaal in België]

(2) Omdat hij een aanval van acute diarree had, stuurde Willy zijn vrouw naar de apotheker van wacht. [standaardtaal in België]

Standaardtaal in het hele taalgebied is in die context dienst (avonddienst, nachtdienst, weekenddienst) hebben.

(3) Welke arts heeft van de week weekenddienst?

Dokters, apothekers, mensen in de verpleging die 's avonds, 's nachts, in het weekeinde en op feestdagen beschikbaar zijn, worden de dienstdoende artsen, apothekers en dergelijke of artsen (en dergelijke) met weekenddienst, avonddienst, nachtdienst genoemd.

In de standaardtaal in België spreekt men ook van wachtdienst (hebben).

(4) Mijn vrouw heeft de volgende twee weekenden wachtdienst. [standaardtaal in België]

(5) Weet u waar de apotheek met wachtdienst is? [standaardtaal in België]

Bijzonderheid

Het Sociaalrechtelijk Woordenboek (1977) schrijft het gebruik van dienstdoend voor: een dienstdoend arts is de arts die met de uitoefening van de wachtdienst is belast.

Zie ook

Permanentie / dienst

Naslagwerken

 

van wacht zijn

de wacht hebben

(wacht)dienst hebben

in de wacht zijn/zitten

Grote Van Dale (2005)

[bij wacht] (alg.Belg.N.) (van artsen, apothekers e.d.) van wacht zijn  [leenvertaling van Fr. être de garde], weekend- en/of nachtdienst hebben

[bij wacht] de wacht hebben

[bij wachtdienst] 2 [leenvertaling van Fr. service de garde] (alg.Belg.N.) weekend- en/of nachtdienst

[bij wacht] in de wacht zijn

Van Dale Hedendaags Nederlands (2006)

-

-

-

[wachtdienst: 2 (Belg.) weekend- en nachtdienst van artsen en apothekers]

[bij wacht] in de wacht1 zitten nachtdienst hebben in een ziekenhuis

Verschueren (1996)

-

[bij wacht] A. (…) het waken, letten op wat voorvalt: (…) de - hebben

[bij dienst] A. (…) 3. (…) - hebben van 4 tot 6 uur

-

Koenen (1999)

(Belg, van dokters, apothekers) van ~ zijn nacht- of weekenddienst hebben

-

-

-

Kramers (2000)

ZN van ~ zijn dienst hebben

-

-

-

Correct Taalgebruik (2006), p. 307

[bij wacht (van - zijn), wordt afgekeurd] Dokters en andere gezondheidswerkers die 's nachts, in het weekeinde en op feestdagen beschikbaar zijn, hebben dienst, zij zijn de dienstdoende artsen, apothekers e.d., zij hebben weekenddienst, avonddienst, nachtdienst.

[bij wacht (van - zijn)] In het leger, in ziekenhuizen e.d. hebben sommige personeelsleden de wacht. Zij hebben de wacht, zij zijn of zitten in de wacht.

-

[bij wacht (van - zijn)] In het leger, in ziekenhuizen e.d. hebben sommige personeelsleden de wacht. Zij hebben de wacht, zij zijn of zitten in de wacht.

Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 314

[bij wacht, wordt afgekeurd] van (de) - zijn, dienst hebben, weekenddienst of nachtdienst hebben

-

[wachtdienst: [wordt afgekeurd] weekend- en nachtdienst van artsen en apothekers]

-

Taalwijzer (1998), p. 371

[bij wacht, wordt afgekeurd] niet: van wacht zijn; vgl. Fr. être de garde

[bij wacht] Correct is: van de wacht (zijn), wacht hebben

-

-

Stijlboek VRT (2003), p.265

[bij wacht, van ~ zijn, wordt afgekeurd] Algemeen Nederlands is: dienst hebben, de wacht hebben.

[bij wacht, van ~ zijn] Algemeen Nederlands is: dienst hebben, de wacht hebben.

[bij wacht, van ~ zijn] Algemeen Nederlands is: dienst hebben, de wacht hebben.

[bij wacht, van ~ zijn] Artsen, apothekers, verpleegkundigen en dergelijke hebben wacht-, weekend-, avond- of nachtdienst. Ze hebben de wacht, ze zitten in de wacht.

Sociaalrechtelijk woordenboek (1977)

-

-

[bij wachtdienst] Dienst welke erop gericht is in dringende gevallen geneeskundige of andere hulp beschikbaar te stellen tijdens  de uren gedurende dewelke als regel niet gewerkt wordt, b.v. de wachtdienst van de artsen, de wachtdienst van de apothekers.

 

[bij dienstdoend arts] Arts die met de uitoefening van de wachtdienst is belast.

-