Huidskleur van personen benoemen (algemeen)
Huidskleur van personen benoemen (algemeen)
1. Inleiding
2. Algemene aanduidingen voor mensen van kleur, zwarte mensen en witte mensen
2.1 Mensen van kleur
2.2 Zwarte mensen
2.3 Witte mensen
3. Specifiekere omschrijving van iemands huidskleur
4. Indirecte verwijzing via herkomst
1. Inleiding[Top]
Het benoemen van iemands huidskleur is een delicate kwestie. De persoon over wie iets wordt gezegd, kan vinden dat die fout of stereotypisch wordt voorgesteld of kan diep gekwetst zijn door de gekozen woorden. De persoon die iets zegt, kan onzeker zijn over het gebruik van bepaalde woorden of kan negatieve reacties krijgen die die helemaal niet had verwacht. Het vermelden van de huidskleur van personen kan wij-zij-denken en stigmatisering in de hand werken. Het is daarom belangrijk om eerst na te gaan of een verwijzing naar de huidskleur niet beter kan worden weggelaten. In veel contexten is het niet relevant om iemands huidskleur te benoemen. Vaak maak je een formulering neutraler door geen persoonskenmerken als huidskleur of ook afkomst (verdergaand dan de huidige nationaliteit) te vermelden.
(1) Soundos El Ahmadi is een Nederlandse stand-upcomedian, actrice en presentatrice.
(2) Amadou Onana is een Belgische voetballer die in juni 2022 zijn debuut maakte in het nationale elftal.
(3) De Zimbabwaanse Kirsty Coventry is de eerste vrouwelijke voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité (IOC).
In bepaalde contexten kan het juist wél belangrijk zijn om de huidskleur te beschrijven. Dat is bijvoorbeeld het geval in een tekst over discriminatie en racisme, een opsporingsbericht of een artikel over huidverzorging.
Bij het benoemen van iemands huidskleur is het belangrijk om niet alleen rekening te houden met de betekenis van woorden, maar ook met de gevoelswaarde (connotatie) ervan. De gevoelswaarde die aan een woord wordt toegekend, kan evolueren in de tijd. Sommige woorden die vroeger als ‘neutraal’ werden beschouwd, worden nu niet meer aanvaard. Woorden die nu worden aangeraden, zullen in de toekomst mogelijk op tegenstand stuiten. Ook tussen verschillende generaties is er een verschil in aanvoelen mogelijk. Zo kunnen woorden die bij ouderen weinig weerstand oproepen, door jongeren als absoluut discriminerend of beledigend worden beschouwd. In deze tekst proberen we een overzicht te geven van de woorden die je kunt gebruiken om naar iemands huidskleur te verwijzen, rekening houdend met wat er leeft in de huidige maatschappij.
De adviezen zijn in de eerste plaats bedoeld voor Nederland en België. Ze kunnen niet zomaar worden toegepast op andere landen of gebieden waar Nederlands wordt gesproken, zoals Suriname, Curaçao of Bonaire, omdat de situatie daar erg verschilt van die in Nederland of België en er andere gevoeligheden (kunnen) spelen.
Wat is standaardtaal? – Standaardtaal in Suriname
De gevoelswaarde kan per woord verschillend zijn. Toch zijn er ook algemenere tendensen waar te nemen. Zo is er in Nederland en België tegenwoordig een weerstand tegen het gebruik van zelfstandige naamwoorden die op zichzelf een persoonskenmerk weergeven, zoals (een) kleurling en (een) zwarte, omdat die personen lijken te reduceren tot dat ene kenmerk, namelijk het hebben van een bepaalde huidskleur. Combinaties als mensen van kleur en zwarte persoon, die een woord als mens of persoon als kern hebben, drukken duidelijker uit dat huidskleur maar een deel van iemands identiteit is. Omdat bij mensen van kleur het kenmerk achteraan in de formulering staat, is het een voorbeeld van het ‘persoon-eerst-principe’. Een aanduiding als zwarte persoon, waarin het kenmerk voorop staat, is een toepassing van het ‘identiteit-eerst-principe’. Er is geen algemene aanbeveling te geven voor de keuze tussen beide principes.
Naast de betekenis en de gevoelswaarde van een woord is ook de context waarin het gebruikt wordt belangrijk. De aanvaardbaarheid van een woord kan samenhangen met wie het woord gebruikt, in welke situatie of machtsverhouding en met welke toon.
Huidskleur kan een moeilijk af te bakenen of op zijn minst relatief begrip zijn. Dit advies wil helpen om beschrijvingen van huidskleur zo neutraal mogelijk te maken. Tegelijk maakt het duidelijk dat het benoemen van iemands huidskleur nooit helemaal neutraal is en dat we vaak iets anders bedoelen dan wat er letterlijk gezegd wordt. Iemand van Noord-Afrikaanse of Aziatische herkomst bijvoorbeeld kan als persoon van kleur beschouwd worden, terwijl die misschien een lichtere huidskleur heeft dan een witte persoon die van nature vrij bruin is. Vaak gaat het bij verwijzingen naar de huidskleur immers niet letterlijk om iemands exacte huidskleur, maar (ook) om iemands culturele en etnische identiteit. Zo kunnen we ook iemand een zwarte actrice noemen, terwijl ze misschien een lichtbruine huid heeft, en bedoelen we met een witte man dus niet altijd iemand met een heel bleke huid.
Omdat in deze tekst wordt uitgelegd welke woorden een negatieve gevoelswaarde kunnen hebben, worden die woorden ook vermeld. Zo wordt in dit advies een enkele keer het n-woord gebruikt. Als we dat doen, is dat louter om duidelijk te maken over welk woord we het hebben.
Inclusief taalgebruik (algemeen)
2. Algemene aanduidingen voor mensen van kleur, zwarte mensen en witte mensen [Top]
Als het nodig is om iemands huidskleur te omschrijven, is het in het algemeen aan te bevelen om de aanduiding te gebruiken waarmee de persoon in kwestie naar zichzelf verwijst, als die te achterhalen is.
Als de voorkeur van de persoon in kwestie niet bekend is, of bij een verwijzing naar meerdere mensen, is het aan te raden om woorden te gebruiken die passen bij de huidige tijdgeest. Het is daarbij belangrijk om rekening te houden met de gevoelswaarde van woorden.
2.1 Mensen van kleurTop
Mensen van kleur zijn mensen die niet wit zijn. In de onderstaande tabel zijn voornamelijk de woorden in de rechterkolom bruikbaar om in algemene zin iemand te beschrijven die niet wit is. In de plaats van persoon kan telkens ook mens, man, vrouw enzovoort gebruikt worden.
| negatieve gevoelswaarde | neutralere gevoelswaarde |
|
|
|
|
Tegenwoordig wordt steeds meer de voorkeur gegeven aan de aanduiding persoon van kleur.
(4) Voor veel mensen van kleur zijn zulke reacties heel herkenbaar.
(5) Halle Berry was in 2022 de eerste actrice van kleur die een Oscar voor beste vrouwelijke hoofdrol won.
(6) Aan de Black Lives Matter-betoging namen ook veel niet-zwarte mensen van kleur deel.
Mensen van kleur wordt gebruikt voor mensen met een niet-Europese achtergrond die vaak een donkerdere huidskleur hebben. Het gaat dus om een aanduiding die naar iemands huidskleur verwijst, maar tegelijk en soms in de eerste plaats naar iemands culturele en etnische identiteit. Iemand van Noord-Afrikaanse of Aziatische herkomst bijvoorbeeld kan als persoon van kleur beschouwd worden, terwijl die misschien een (heel) lichte huidskleur heeft.
Mensen van kleur is een leenvertaling van het Engelse people of colo(u)r, die steeds vaker voorkomt in het Nederlands. Sommige taalgebruikers voelen mensen van kleur aan als een on-Nederlandse constructie, maar er zijn in het Nederlands vergelijkbare combinaties waarin het voorzetsel van een bepaalde eigenschap of hoedanigheid uitdrukt, zoals mensen van een zekere leeftijd, iemand van adel, een vrouw van fatsoen, een man van weinig woorden en een man van eer.
Om mensen van kleur te benoemen, zijn ook contrasterende aanduidingen als niet-witte persoon, persoon die niet wit is of persoon met een niet-witte huidskleur soms bruikbaar.
(7) Op het lyceum waren zij en haar broer de enige niet-witte leerlingen.
Een risico bij zulke aanduidingen is dat ze in sommige contexten de indruk kunnen geven dat wit als uitgangspunt wordt genomen van wat ‘normaal’ is en niet-wit als ‘afwijkend’ wordt gezien. Die waarschuwing geldt nog meer voor de aanduiding persoon met een andere huidskleur, vooral als die gebruikt wordt wanneer er niet eens gecontrasteerd wordt, maar het als vanzelfsprekend wordt gevonden dat met ander ‘niet-wit’ wordt bedoeld (zoals in In die wijk wonen er veel mensen met een andere huidskleur). Om te vermijden dat personen of groepen nadrukkelijk als ‘de ander’ of ‘de afwijkende’ worden bestempeld, worden omschrijvingen met ander in het algemeen afgeraden.
De aanduiding (een) kleurling is af te raden, omdat die als ouderwets en weinig respectvol wordt beschouwd. In mindere mate geldt dat ook voor gekleurde persoon. Woorden als kleurling en gekleurd kunnen ook negatieve historische connotaties hebben, zoals met het apartheidsregime in Zuid-Afrika. Persoon met een gekleurde huid kan ook als minder neutraal overkomen, maar deze aanduiding stuit op veel minder weerstand en wordt ook door sommige mensen van kleur gebruikt. Gekleurde medemens (met mede-) en persoon met een kleurtje (met het verkleinwoord kleurtje) zijn wel weer duidelijk af te raden: die combinaties worden als ouderwets en betuttelend beschouwd.
2.2 Zwarte mensen Top
Zwarte mensen zijn mensen met een bruine huidskleur die etnografisch tot de (afstammelingen van) Afrikaanse volkeren behoren. In de onderstaande tabel zijn voornamelijk de woorden in de rechterkolom bruikbaar om in algemene zin iemand te beschrijven die zwart is. In de plaats van persoon kan telkens ook mens, man, vrouw enzovoort gebruikt worden.
| negatieve gevoelswaarde | neutralere gevoelswaarde |
|
|
|
|
Tegenwoordig wordt gewoonlijk de voorkeur gegeven aan een aanduiding als zwarte persoon.
(5b) Halle Berry was in 2022 de eerste zwarte actrice die een Oscar voor beste vrouwelijke hoofdrol won.
(8) Met haar nummer ‘Brotha’ heeft Angie Stone veel zwarte mannen een hart onder de riem gestoken.
Zwarte persoon is een aanduiding die naar iemands huidskleur verwijst, maar tegelijk ook naar iemands culturele en etnische identiteit. Een Aziatische persoon met een heel donkere huid bijvoorbeeld zal niet als zwarte persoon beschouwd worden, ook al heeft die een donkerdere huidskleur dan sommige zwarte mensen.
Het gebruik van het zelfstandig naamwoord (een) zwarte wordt in het algemeen afgeraden. Een nadeel van zo’n zelfstandig naamwoord is dat het een persoon lijkt te reduceren tot één kenmerk, namelijk zwart zijn. Combinaties als zwarte persoon drukken duidelijker uit dat huidskleur of afkomst maar een deel van iemands identiteit is. Het verkleinwoord zwartje is zeker af te raden. Dat wordt als denigrerend en betuttelend ervaren.
Sommige mensen schrijven zwart met een hoofdletter wanneer ze er een gedeelde culturele identiteit of maatschappelijke positie mee willen weergeven, bijvoorbeeld: Zwarte emancipatiestrijd, Zwarte muziek. Dat gebruik is in het Nederlands (nog) niet wijdverspreid.
Het gebruik van het woord neger is helemaal af te raden. Het is een heel beladen woord, dat als minachtend en racistisch wordt beschouwd, ook als het niet met die intentie wordt gebruikt. Hetzelfde geldt voor de vrouwelijke vorm negerin. Deze woorden worden tegenwoordig als zodanig kwetsend beschouwd dat meestal de aanduiding n-woord wordt gebruikt om ernaar te verwijzen. Ook de spelling met sterretje (n*) komt voor.
(9a) De voetballertjes keken geschrokken op toen hun 70-jarige trainer het n-woord gebruikte zonder dat hij er erg in leek te hebben.
(9b) De voetballertjes keken geschrokken op toen hun 70-jarige trainer naar een zwarte jongen met ‘onze n*vriend hier’ verwees zonder dat hij er erg in leek te hebben.
Voor veel – vaak wat oudere – Nederlandstaligen is het n-woord lang een woord geweest dat ze als een neutrale aanduiding beschouwden die zonder negatieve of racistische bijklank gebruikt kon worden. Als je naar de herkomst van het woord kijkt, lijkt het niet meteen om een absoluut discriminerend of beledigend woord te gaan. Het woord gaat terug op het Spaanse of Portugese zelfstandig naamwoord negro, een gesubstantiveerde vorm van het bijvoeglijk naamwoord negro, dat ‘zwart’ betekent. Het Spaanse of Portugese woord gaat dan weer terug op het Latijnse woord niger (‘zwart’). Maar de gevoelswaarde van het woord is heel negatief. In het vroegere Nederlands werd het n-woord gebruikt om tot slaaf gemaakte en dus als koopwaar aangeboden personen van Afrikaanse origine te benoemen. Het wordt zodanig met het traumatische verleden (en heden) van kolonialisme, verdrukking en racisme geassocieerd, dat het gebruik ervan maatschappelijk niet meer wordt aanvaard.
Wat als inclusief of respectvol wordt ervaren, kan contextgebonden zijn. Zo kunnen mensen die zelf zwart zijn, het woord neger of de Engelse woorden nigga en nigger eventueel wel gebruiken. Ze gebruiken het n-woord dan als geuzennaam. Geuzennamen zijn scheld- of spotnamen die mensen of groepen bewust gebruiken als een erenaam om zichzelf of mensen uit de eigen groep te benoemen. Een scheld- of spotnaam krijgt in zo’n context dan een positieve connotatie. Sommige zwarte rappers of romanschrijvers bijvoorbeeld gebruiken het woord op die manier. Dat gebruik wordt anders ervaren dan wanneer iemand die niet zwart is, het n-woord gebruikt.
Woorden met een sterk negatieve connotatie zoals het n-woord kunnen ook voorkomen als iemand rechtstreeks uit een historische bron citeert of een historische context schetst met woorden die in het verleden algemeen gebruikelijk waren. Dat woordgebruik is dan meestal louter bedoeld om recht te doen aan die historische context. Een letterlijk citaat staat vaak tussen aanhalingstekens. Ook buiten een citaat kan de auteur zo’n historische benaming tussen aanhalingstekens zetten om aan te geven dat die het niet voor eigen rekening neemt.
(10) Een krant uit 1675 berichtte dat een handelaar een contract had afgesloten om jaarlijks vierduizend ‘negers’ te mogen verhandelen.
Het is aan te raden om in de tekst extra duiding te geven over het gebruik van de historische woorden. Het is ook aan te bevelen om zuinig te zijn met deze manier van vermelden, omdat lezers ook dit gebruik nog aanstootgevend kunnen vinden.
Een zwarte persoon kan ook een persoon van kleur genoemd worden. Zie daarvoor 2.1.
2.3 Witte mensen Top
Witte mensen zijn mensen met een lichte huidskleur die etnografisch tot de (afstammelingen van) Europese volkeren behoren. In de onderstaande tabel zijn voornamelijk de woorden in de rechterkolom bruikbaar om in algemene zin iemand te beschrijven die wit is. In de plaats van persoon kan telkens ook mens, man, vrouw enzovoort gebruikt worden.
| negatievere gevoelswaarde | neutralere gevoelswaarde |
|
|
|
|
Wit of blank is een aanduiding die naar iemands huidskleur verwijst, maar tegelijk ook naar iemands culturele en etnische identiteit. Een Noord-Afrikaanse persoon met een heel lichte huidskleur bijvoorbeeld zal gewoonlijk niet als witte of blanke persoon beschouwd worden, terwijl die misschien een lichtere huid heeft dan een witte persoon die van nature vrij bruin is.
Tegenwoordig wordt wit steeds vaker verkozen boven blank. In Nederland lijkt die keuze al resoluter gemaakt dan in België, maar ook in België maakt het woord wit opgang. De verklaring daarvoor is dat blank tegenwoordig veel sterker dan wit geassocieerd wordt met kolonialisme, racisme en een misplaatst gevoel van superioriteit. Om die negatieve associaties te vermijden, wordt bij het benoemen van witte personen vaak meer rekening gehouden met de gevoelswaarde die in het algemeen aan de woorden wordt toegekend dan met de persoonlijke voorkeur van de persoon over wie het gaat.
(11) Het slachtoffer beschreef de dader als een witte, opvallend lange man van ongeveer 40 jaar.
(12) Buitenechtelijke kinderen van een witte vader en een zwarte moeder werden door de Belgische overheid bij hun moeder in Rwanda weggehaald.
(13) Geneeskundig onderzoek is door de jaren heen voornamelijk gebaseerd op witte proefpersonen.
De woorden blank en wit worden van oudsher allebei met positieve eigenschappen zoals zuiverheid, onbevlektheid en goedheid geassocieerd. Denk maar aan een blank geweten, maagdelijk wit en witte magie. Maar in het huidige Nederlands krijgt blank als persoonskenmerk dus steeds vaker een negatieve gevoelswaarde toegeschreven. Wit wordt ook gezien als een logischer antoniem van zwart. Voor tegenstanders van wit heeft het woord wit dan weer een negatieve bijklank, bijvoorbeeld omdat ze het associëren met overdreven activisme en een opgedrongen schuldbesef, of juist met elitarisme (zoals in witte scholen). De discussie over wit en blank speelt niet in andere talen, omdat die niet over twee synoniemen beschikken om witte mensen te benoemen.
Wit hoeft niet gezien te worden als een recente leenvertaling van het Engelse white. In ouder Nederlands werden de woorden wit en blank allebei gebruikt om naar personen met een witte huidskleur te verwijzen. In geschriften uit de zeventiende eeuw bijvoorbeeld komen beide woorden in die betekenis voor. Later, vooral in de twintigste eeuw, werd blank wel het gebruikelijke woord.
Het gebruik van de zelfstandige naamwoorden (een) witte en (een) blanke wordt in het algemeen afgeraden. Een nadeel van zo’n zelfstandig naamwoord is dat het een persoon lijkt te reduceren tot één kenmerk, namelijk wit zijn. Combinaties als witte persoon drukken duidelijker uit dat huidskleur of afkomst maar een deel van iemands identiteit is.
Sommige mensen schrijven wit met een hoofdletter wanneer ze er een gedeelde culturele identiteit of maatschappelijke positie mee willen weergeven, bijvoorbeeld: Witte cultuur. Anderen schrijven alleen zwart met een hoofdletter en wit niet, onder andere omdat Amerikaanse ‘witte suprematie’-groeperingen zoals de Ku Klux Klan al heel lang White schrijven, met een hoofdletter. De schrijfwijzen met hoofdletters – zowel Wit als Zwart – zijn in het Nederlands (nog) niet wijdverspreid.
Om witte mensen te benoemen, zijn ook contrasterende aanduidingen als persoon die niet van kleur is soms bruikbaar.
(14) In de klas was zij de enige leerling die niet van kleur was.
(15) Ik denk dat mensen die niet van kleur zijn, dit zich niet kunnen voorstellen.
Contrasteren met niet-kleurling en niet-gekleurde persoon is niet aan te raden, omdat kleurling en gekleurde persoon aanduidingen met een negatieve gevoelswaarde zijn. Zie 2.1. Een aanduiding als persoon die geen gekleurde huid heeft stuit gewoonlijk op minder weerstand.
(16) Mijn man, die geen gekleurde huid heeft, gebruikt deze crème ook.
3. Specifiekere omschrijving van iemands huidskleur [Top]
Er zijn ook specifiekere omschrijvingen van iemands huidskleur mogelijk. De precieze tint van de huid wordt dan omschreven zonder dat de culturele identiteit of origine daarbij een rol hoeft te spelen. Ook bij deze manier van omschrijven is het aan te bevelen om de aanduiding te gebruiken waarmee de persoon in kwestie naar zichzelf verwijst, als die te achterhalen is.
Als de voorkeur van de persoon in kwestie niet bekend is, of bij een verwijzing naar meerdere mensen, is het aan te raden om woorden te gebruiken die passen bij de huidige tijdgeest. In de onderstaande tabel zijn voornamelijk de woorden in de rechterkolom bruikbaar om iemands huidskleur meer in detail te omschrijven. In de plaats van persoon kan telkens ook mens, man, vrouw enzovoort gebruikt worden.
| weinig gebruikelijk | gebruikelijk |
| donkere persoon, donkergekleurde persoon | persoon met een donkere huid(skleur) |
| lichtgekleurde persoon | persoon met een lichte huid(skleur) |
| bruine persoon | persoon met een bruine huid(skleur) |
| lichtbruine persoon | persoon met een lichtbruine huid(skleur) |
| donkerbruine persoon | persoon met een donkerbruine huid(skleur) |
| persoon met een zwarte huid | |
| persoon met een witte huid | |
| minder algemeen gebruikelijk | |
| getinte persoon | persoon met een getinte huid(skleur) |
| lichtgetinte persoon | persoon met een lichtgetinte huid(skleur) |
| donkergetinte persoon | persoon met een donkergetinte huid(skleur) |
Enkele voorbeeldzinnen:
(17) Evi zoekt de man met de rode sjaal en een donkere huidskleur, die haar uit het water heeft geholpen.
(18) Het slachtoffer beschreef de dader als een opvallend lange man van ongeveer 40 jaar met een lichtbruine huid.
(19) Ook kinderen met een donkere huid moeten tegen de zon beschermd worden.
(20) Mijn vader is een Zweed en mijn moeder is een Marokkaanse met een lichte huid.
Veel van deze aanduidingen kunnen ook algemener gebruikt worden om naar iemands culturele identiteit of origine te verwijzen. Ze worden dan gebruikt als synoniem van persoon van kleur, zwarte persoon of witte persoon. Enkele voorbeelden van zulke dubbelzinnige benamingen, met de verschillende betekenissen waarin ze gebruikt kunnen worden:
- met een donkere huid(skleur)
- (letterlijk) met een donkerbruine huidskleur
- van kleur, niet-wit
- met een lichte huid(skleur)
- (letterlijk) met een heel bleke huidskleur
- wit, etnografisch tot de (afstammelingen van) Europese volkeren behorend, niet van kleur
- met een witte huid
- (letterlijk) met een heel bleke huidskleur
- wit, etnografisch tot de (afstammelingen van) Europese volkeren behoren, niet van kleur
- met een zwarte huid
- (letterlijk) met een heel donkere, bijna zwarte huid
- zwart, etnografisch tot de (afstammelingen van) Afrikaanse volkeren behorend
- met een getinte huid(skleur)
- met een lichtgetinte, lichtbruine huidskleur
- van kleur, niet-wit
In de letterlijke betekenis kunnen veel van deze aanduidingen op mensen van verschillende origine slaan. Persoon met een donkere huidskleur bijvoorbeeld kan slaan op een zwarte persoon, op een niet-zwarte persoon van kleur en ook wel op een witte persoon met een huid die van nature bruin is, al zal voor die laatste vaker persoon met een bruine huid gebruikt worden. Persoon met een zwarte huid is bruikbaar voor een zwarte persoon, maar ook wel voor bijvoorbeeld een Indiër met een heel donkere huid.
Aanduidingen als persoon met een getinte huid(skleur), persoon met een lichtgetinte huid(skleur) en persoon met een donkergetinte huid(skleur) zijn minder algemeen gangbaar. Ze komen vooral voor in opsporingsberichten.
Zie 2.2 voor de aanduidingen zwarte persoon en persoon met een zwarte huidskleur, en 2.3 voor de aanduidingen witte/blanke persoon en persoon met een witte/blanke huidskleur.
4. Indirecte verwijzing via herkomst [Top]
Uit de algemene aanduidingen voor mensen van kleur, zwarte mensen en witte mensen (zie 2) is gebleken dat benamingen van huidskleur en benamingen van herkomst vaak met elkaar verweven zijn. Geregeld wordt in de praktijk ook indirect naar iemands huidskleur verwezen door louter iemands herkomst te vermelden. Enkele voorbeelden:
- Naar mensen van kleur wordt vaak ook verwezen met persoon met een migratieachtergrond. Die aanduiding wordt in de praktijk vooral gebruikt voor mensen met niet-Europese roots die een donkerdere huidskleur hebben. Een witte Zuid-Afrikaan bijvoorbeeld of een witte Zweed die naar België geëmigreerd is, wordt gewoonlijk niet een persoon met een migratieachtergrond genoemd, hoewel die dat in principe wel is.
- Naar zwarte mensen wordt vaak ook verwezen met aanduidingen als persoon van Afrikaanse afkomst/origine of persoon met Afrikaanse roots, en specifiekere verwijzingen, zoals persoon van Afro-Surinaamse afkomst, Belgisch-Congolese persoon, Senegalese persoon en persoon met Kameroense roots. Bij deze aanduidingen is het belangrijk om te beseffen dat ze strikt genomen niet naar iemands huidskleur verwijzen en ook op witte mensen of op niet-zwarte mensen van kleur kunnen slaan.
- Naar witte mensen wordt ook wel verwezen met aanduidingen als persoon van Europese afkomst/origine of persoon met Europese roots, en specifiekere verwijzingen, zoals (een) Nederlander, een persoon van Zweedse afkomst, een Franse man en iemand met Russische roots. Ook bij deze aanduidingen is het belangrijk om te beseffen dat ze zowel op witte mensen als op mensen van kleur kunnen slaan.
Etnische of migratieachtergrond van personen benoemen (algemeen)
Bronnen
- 11.11. Woordenlijst met termen over dekolonisatie. Geraadpleegd via https://11.be/sites/default/files/2021-06/210628-Lexicon-Inspiratiegids.pdf.
- Code Diversiteit & Inclusie. Waarden voor een Nieuwe Taal. Geraadpleegd via https://codedi.nl/wp-content/uploads/2021/04/WAARDEN_VOOR_EEN_NIEUWE_TAAL.pdf.
- Cadat-Lampe, M., Does, S. en Felten, H. (2022). Een ogenschijnlijke tegenstelling: om racisme aan te pakken moet je niet kleurenblind zijn. Op Kennisplatform Inclusief Samenleven (KIS). Geraadpleegd via https://nl.wikipedia.org/wiki/Blank_en_wit_in_het_racismedebat.
- DE-BIAS Project consortium (2025). DE-BIAS: Vocabulaire – Nederlands. Zenodo. Geraadpleegd via https://pro.europeana.eu/page/the-de-bias-vocabulary.
- De Standaard. Het Gevoelig Lexicon. Geraadpleegd via https://www.standaard.be/gevoelig-lexicon.
- Dierckx, A. & Wullaert, R. Woorden in beweging. Spreken en schrijven over migratie en superdiversiteit. Brussel: ORBIT.
- Geraadpleegd via https://etymologiebank.nl.
- Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid (2023). Leidraad Gemeenschappelijk & Inclusief taalgebruik binnen DG HAN. Geraadpleegd via https://handicap.belgium.be/sites/default/files/docs/nl/gids-taalgebruik-dghan.pdf.
- Kanobana, S.R. (2024). Witte orde. Over ras, klasse en witheid. Amsterdam: De Geus.
- Nduwanje, Olave (2021). Waarom veel mensen Zwart met een hoofdletter schrijven (en wit niet). In OneWorld. Geraadpleegd via https://www.oneworld.nl/mensenrechten/waarom-veel-mensen-zwart-met-een-hoofdletter-schrijven-en-wit-niet.
- Neus, H. (2022). Verbod op het woord neger. Geraadpleegd via https://werkgroepcaraibischeletteren.nl/verbod-op-het-woord-neger.
- Sanders, E. (2023). Het n-woord. De geschiedenis van een beladen begrip. Amsterdam: Prometheus.
- Woordenlijst inclusieve communicatie. Geraadpleegd via https://www.unia.be/nl/sensibilisering-en-preventie/tools/inclusieve-communicatie-gids-en-tips/inclusieve-communicatie-3-belangrijke-tips/het-lexicon-van-inclusieve-communicatie.
- Woordenlijst Inclusief Taalgebruik. Geraadpleegd via https://diversewoordenlijstvrt.wordpress.com.
- Waszink, V. (2022). Dat mag je ook (al niet meer) zeggen. Den Haag: Genootschap Onze Taal.
- Women Inc (2024). De incomplete stijlgids. Geraadpleegd via https://www.womeninc.nl/wp-content/uploads/2025/06/wi-stijlgids-2025.pdf.
Naslagwerken
