Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Ik betreur (het) dat hij ontslag heeft genomen

Vraag

Wat is correct: Ik betreur dat hij ontslag heeft genomen of Ik betreur het dat hij ontslag heeft genomen?

Antwoord

Beide zinnen zijn correct.

Toelichting

Bij veel overgankelijke werkwoorden kan het lijdend voorwerp de vorm van een bijzin aannemen. Soms kan het ook gaan om een beknopte bijzin (zie zin (1b)). Een voorbeeld is het werkwoord vermoeden.

(1a) Ik vermoed dat ik daar kan overnachten.

(1b) Ik vermoed daar te kunnen overnachten.

Bij enkele werkwoorden kan de bijzin (het eigenlijke lijdend voorwerp) worden voorafgegaan door het persoonlijk voornaamwoord het, dat fungeert als 'voorlopig lijdend voorwerp'. Het gaat daarbij onder andere om werkwoorden die een waardering uitdrukken (betreuren, waarderen en dergelijke).

(2a) Ik betreur dat hij ontslag heeft genomen.

(2b) Ik betreur het dat hij ontslag heeft genomen.

Wanneer het om een beknopte bijzin gaat, is het voorlopig lijdend voorwerp niet of nauwelijks weglaatbaar. Het is daarom onduidelijk of een zin als (3a) als correct kan worden beschouwd

(3a) Ik betreur ontslag te hebben moeten nemen. (status onduidelijk)

(3b) Ik betreur het ontslag te hebben moeten nemen.

Bij de combinatie van vinden en een bijvoeglijk naamwoord (jammer, spijtig, raar enzovoort) kan het voorlopig lijdend voorwerp niet worden weggelaten.

(4a) Ik vind spijtig dat hij ontslag heeft genomen. (uitgesloten)

(4b) Ik vind het spijtig dat hij ontslag heeft genomen.

Bijzonderheid

In de volgende gevallen is de voorafgaande aanduiding van het lijdend voorwerp overbodig. In gesproken taal is dit gebruik gewoon, maar in geschreven taal wordt het voorlopig lijdend voorwerp in zinnen als (5) en (6) doorgaans niet gebruikt.

(5) Ik heb (het) je toch gezegd, dat het je niet zou lukken.

(6) Ik zou (het) weleens willen zien, of het je lukt.

Zie ook

Als / of (ik zal kijken - zij er is)
Betreuren (mij betreurt / ik betreur)
Kou(d) hebben / het koud hebben
Vertrouwen dat / erop vertrouwen dat
Zorgen dat / ervoor zorgen dat

Naslagwerken

ANS (1997), p. 1154-1155, 1157 of online via de E-ANS; Den Hertog (1973), dl. 2, p. 66