Wat is het juiste voorzetsel in de volgende zin: We zaten gisteravond helemaal alleen in de bus of We zaten gisteravond helemaal alleen op de bus?
In de bus is standaardtaal in het hele taalgebied. Op de bus is standaardtaal in België.
Om aan te geven dat men zich in een openbaar voertuig zoals een trein, bus of tram bevindt, wordt het voorzetsel in gebruikt. Dat gebruik is standaardtaal in het hele taalgebied. Combinaties met op zijn standaardtaal in België.
(1a) Het is al enkele jaren verboden om te roken in de trein.
(2a) Het is al enkele jaren verboden om te roken op de trein. [standaardtaal in België]
(2a) Michiel is gisteren in de tram bestolen.
(2b) Michiel is gisteren op de tram bestolen. [standaardtaal in België]
Om aan te geven dat men het voertuig betreedt, is zowel op de trein (bus) stappen als in de trein (bus) stappen standaardtaal in het hele taalgebied.
(3a) Om vijf uur ben ik in Rotterdam op de trein naar Roosendaal gestapt.
(3b) Om vijf uur ben ik in Rotterdam in de trein naar Roosendaal gestapt.
In / op de polikliniek
In / op + eilandnaam
In / op het gemeentehuis
Hendrickx, R. (2003). Op de bus / in de bus Geraadpleegd op 20 maart 2009 via http://www.vrt.be/taal/op-de-trein.
| Op de (bus, trein) | |
| Verschueren (1996) | [bij trein] in de – zitten (…), op de - zetten |
| Koenen (2006) | [bij op] 2 een bepaling van plaats (…) op zijn kamer zijn, op een dorp wonen in |
| Kramers (2000) | [bij op] ZN: ~ de trein |
| Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 278 | [bij trein, wordt afgekeurd] op de – (zitten, rijden, werken …), in |
| Het juiste voorzetsel (1999), p. 214 | [bij trein] in de – stappen, zitten Iem. op de – zetten naar … |
| Het Witte Woordenboek Nederlands (2007) | [bij op] BN ~de trein |