Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Gewonnen (ik ben / ik heb -)

Vraag

Wat is correct: Ik ben gewonnen of Ik heb gewonnen?

Antwoord

Correct is: Ik heb gewonnen.

Toelichting

Net als de meeste andere overgankelijke werkwoorden wordt de voltooide tijd van het werkwoord winnen met het hulpwerkwoord hebben gevormd.

(1) Ik heb die wedstrijd gewonnen.

(2) Hij vertelde me dat hij een prachtige prijs had gewonnen.

Het overgankelijke werkwoord winnen kan ook voorkomen zonder lijdend voorwerp, bijvoorbeeld als uit de context duidelijk blijkt wat iemand heeft gewonnen. Ook dan blijft het hulpwerkwoord van de (voltooide) tijd hebben. Ook verliezen wordt met hebben vervoegd in deze context.

(3a) Wie heeft er gisteren gewonnen?

(4a) Zijn favoriete basketbalclub heeft gewonnen.

(5a) We hebben helaas verloren tegen de thuisploeg.

In België wordt de voltooide tijd van winnen en verliezen in de gesproken taal ook vaak gevormd met het hulpwerkwoord zijn, maar dat is geen standaardtaal.

(3b) Wie is er gisteren gewonnen? (in België, geen standaardtaal)

(4b) Zijn favoriete basketbalclub is gewonnen. (in België, geen standaardtaal)

(5b) We zijn helaas verloren tegen de thuisploeg. (in België, geen standaardtaal)

Bijzonderheid

In de betekenis 'door overtuigen of overreden tot iets (weten te) overhalen' wordt winnen vervoegd met hebben.

(6) Daarmee heb je het faculteitsbestuur nog niet voor je plan gewonnen.

Hiernaast bestaat in België de daarvan afgeleide uitdrukking gewonnen zijn voor (iets).

(7) Ik ben helemaal gewonnen voor die aanpak. [standaardtaal in België]

(8) Ook ons bedrijf is gewonnen voor telewerken. [standaardtaal in België]

Zie ook

Vorming van voltooide tijden met hebben / zijn (algemeen)

Gedebuteerd zijn / hebben
Gevolgd (ik ben / heb hem -)
Hebben / zijn (Hij is / heeft binnen kunnen komen)
Opgehouden te bestaan (het heeft / is -)
Vergeten (ik ben / heb het -)
Verloren (ik ben / heb het -)

Naslagwerken

ANS (1997), p. 75 of online via de E-ANS; Grote Van Dale (2015)