In welke gevallen gebruik je dubbele en enkele aanhalingstekens?
Vroeger werden om letterlijk te citeren meestal dubbele aanhalingstekens gebruikt, en enkele aanhalingstekens in een beperkt aantal andere gevallen. Tegenwoordig is het gebruik van enkele aanhalingstekens in alle functies in opmars. Wij raden aan om consequent een van de gangbare systemen te volgen.
Aanhalingstekens gebruikt u in de volgende gevallen:
- om letterlijk te citeren;
- om aan te geven dat u woorden niet in de gewone betekenis gebruikt: de aanhalingstekens geven bijvoorbeeld aan dat het om een zelfbedacht of ironisch gebruikt woord gaat, of om een vakterm;
- om de betekenis van een woord of uitdrukking te omschrijven.
Er zijn geen algemeen erkende regels voor het gebruik van dubbele en enkele aanhalingstekens. Met name bij letterlijke citaten kunnen zowel dubbele als enkele aanhalingstekens gebruikt worden:
(1a) De voorzitter zei: 'Ik zie hier geen been in.'
(1b) De voorzitter zei: "Ik zie hier geen been in."
In andere gevallen worden vrijwel altijd enkele aanhalingstekens gebruikt:
(2) De minister distantieerde zich van haar 'ongehoorzame' ambtenaren.
(3) Het woord nota betekent onder andere 'rekening'.
De schrijfadviesboeken geven geen eensluidend advies. De Taalbaak en de Schrijfwijzer adviseren dubbele aanhalingstekens bij citaten en enkele aanhalingstekens in andere gevallen, omdat dat systeem voor de meeste lezers het herkenbaarst zou zijn.
De Redactiewijzer en de Stijlwijzer raden echter enkele aanhalingstekens aan. Het argument daarvoor is dat enkele aanhalingstekens moderner en minder opvallend zouden zijn, dat ze - aldus de Stijlwijzer - 'minder nadrukkelijk zijn en geen grote 'gaten' tussen de woorden veroorzaken'. Ook het Stijlboek van de Volkskrant raadt enkele aanhalingstekens aan.
Het advies om enkele aanhalingstekens te gebruiken, lijkt aan te sluiten bij de praktijk: de vroeger veelgebruikte dubbele aanhalingstekens zijn op hun retour. Veel kranten bijvoorbeeld gebruiken in alle gevallen enkele aanhalingstekens.
Een speciaal geval vormen de zinnen waarin sprake is van aanhalingstekens binnen aanhalingstekens. Daar zijn vier mogelijkheden:
(4a) De minister zei: 'Ik vraag me af of uw 'gefundeerde' advies wel zo gefundeerd is.'
(4b) De minister zei: 'Ik vraag me af of uw "gefundeerde" advies wel zo gefundeerd is.'
(4c) De minister zei: "Ik vraag me af of uw 'gefundeerde' advies wel zo gefundeerd is."
(4d) De minister zei: "Ik vraag me af of uw "gefundeerde" advies wel zo gefundeerd is."
De eerste mogelijkheid is de consequente doorvoering van het gebruik van enkele aanhalingstekens. Ook de tweede mogelijkheid (geadviseerd door de Redactiewijzer en het Stijlboek van de Volkskrant) sluit aan bij een systeem van enkele aanhalingstekens, waarbij echter als 'binnenste' aanhalingstekens dubbele aanhalingstekens worden gebruikt. De derde mogelijkheid is de aanpak die Taalbaak adviseert: citaat in dubbele aanhalingstekens, daarbinnen enkele aanhalingstekens. De vierde mogelijkheid (in alle gevallen dubbele aanhalingstekens) komt in de praktijk vrij zelden voor. Ten slotte is ook cursivering soms een alternatief voor aanhaling binnen een aanhaling.
Ook in dit geval raden we aan een consequente keuze te maken die aansluit bij het gebruik van aanhalingstekens dat u kiest in andere functies.
Overigens is het gebruik van aanhalingstekens vaak een kwestie van huisstijlregels. Gebruik het systeem dat voorgeschreven wordt door de huisstijl van de organisatie waar u voor schrijft.
Bij het weergeven van gedachten gebruikt u geen aanhalingstekens.
(5) Otto dacht: wat een nare verhalen hoor je toch tegenwoordig.
Aanhalingstekens bij ironie
Aanhalingstekens en cursivering bij titels
Volgorde punt - aanhalingsteken
Volgorde komma - aanhalingsteken
Alles over leestekens (1997), p. 104-114; Stijlwijzer (1996), p. 100, 219; Redactiewijzer (1997), p.134-136; Schrijfwijzer (1995), p. 208-209, Taalbaak 33, 21.1; Stijlboek Volkskrant (2002), p. 10-11; Taalboek Nederlands (1997), p. 357-358