In de standaardtaal spreekt men in het hele taalgebied doorgaans van een leerling met betrekking tot het basisonderwijs en het middelbaar onderwijs en van een student als het over het hoger onderwijs gaat. In de standaardtaal in België wordt student ook wel gebruikt als synoniem van leerling op de middelbare school.
De term student wordt in de standaardtaal gebruikt voor iemand die hoger onderwijs geniet. Onder deze noemer vallen universiteit, hogeschool en hogere beroepsopleiding.
In het basisonderwijs is leerling gebruikelijk, in het middelbaar onderwijs leerling of scholier.
(1) Leerlingen van het secundair onderwijs kunnen de formulieren ook op het secretariaat van hun school krijgen.
(2) 's Morgens volgen de scholieren les en 's middags staat er een excursie naar Antwerpen op het programma.
(3) Volgende week wordt er een informatiebijeenkomst georganiseerd voor alle studenten uit de bachelorfase van onze opleiding.
In België worden scholieren die middelbaar onderwijs volgen ook wel eens studenten genoemd. Hoewel dat niet de meest gebruikelijke benaming is voor leerlingen van het middelbaar onderwijs, is studenten in die betekenis standaardtaal in België.
(4) Momenteel ben ik student in het VHSI-Brugge, waar ik het laatste jaar Boekhouden-Informatica volg. Volgend jaar ga ik in Gent informatica studeren. [standaardtaal in België]
Een vrouwelijke student is een studente of een meisjesstudent. Studentin is geen standaardtaal.
Leerjaar - studiejaar
Professor - leraar
| leerling | student | |
| Grote Van Dale (2005) | 1 iem. die onderwijs krijgt, mbt. zijn of haar leermeester (...) syn. pupil | 1 iem. die studeert (…) (in 't bijz.) iem. die de colleges van een universiteit of van een hogeschool volgt |
| Van Dale Hedendaags Nederlands (2006) | 1 iem. die onderwijs krijgt | 1 iem. die studeert in het tertiair onderwijs (…) syn. studerende |
| Verschueren (1996) | 2. iemand die op een school onderwijs ontvangt (…) Syn. scholier. Vgl. student | iemand die studeert aan een instelling voor hoger onderwijs |
| Koenen (2006) | 2 scholier | 1 iem die studeert (…) 2 (m.n.) iem die aan een universiteit studeert |
| Kramers (2000) | scholier; degene die van iemand iets leert | 1 iem. die studeert (aan een universiteit, hogeschool of hogere beroepsopleiding); 2 in België ook leerling van een middelbare school |
| Correct Taalgebruik (2006), p. 142, 236 | Zie: student. | Student wordt vrijwel uitsluitend gebruikt voor iemand die hoger onderwijs geniet. In het basisonderwijs is leerling gebruikelijker, evenals in het middelbaar onderwijs, naast scholier. |
| Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 264 | - | - aan een middelbare school, leerling, scholier. - WEL: - aan een universiteit of een hogeschool |
| Taalwijzer (1998), p. 308 | [bij student, wordt afgekeurd] | (…) studeren en *studie worden alleen gebezigd i.v.m. hoger onderwijs; in de andere gevallen spreken we van leerlingen of scholieren, en leren. |