Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Zweren: zwoor / zwoer / zweerde

Vraag

Wat is de verleden tijd van zweren: zwoor, zwoer of zweerde?

Antwoord

Als zweren 'etteren, ontstoken zijn' betekent, is de verleden tijd zwoor of zweerde. In de betekenis 'een eed afleggen', 'plechtig beloven' is de verleden tijd zwoer. De vorm zweerde komt ook geregeld voor in deze betekenis, maar het is onduidelijk of die tot de standaardtaal gerekend kan worden.

Toelichting

Zweren kan twee betekenissen hebben, en daar hangen verschillende verledentijdsvormen mee samen.

In de betekenis 'etteren, ontstoken zijn' heeft zweren een sterke en een zwakke vervoeging. De verleden tijd is zwoor/zworen (sterk) of zweerde/zweerden (zwak). Het voltooid deelwoord is gezworen.

(1a) Die wond zwoor omdat de arts die niet goed ontsmet had.

(1b) Die wond zweerde omdat de arts die niet goed ontsmet had.

(2) De splinter is uit mijn teen gezworen.

Bij zweren ('een eed afleggen', 'plechtig beloven') is de verleden tijd zwoer(en) en het voltooid deelwoord gezworen. Tegenwoordig komt ook de zwakke verledentijdsvorm zweerde(n) geregeld voor, zowel in België als in Nederland. Toch is er een niet te verwaarlozen groep taalgebruikers die de zwakke vormen nog afkeurt. Het is daarom vooralsnog niet duidelijk of we zweerde(en) in deze betekenis tot de standaardtaal kunnen rekenen.

(3a) Hij zwoer dat het niet om namaaktoestellen ging.

(3b) Hij zweerde dat het niet om namaaktoestellen ging. (status onduidelijk)

(4) De president heeft gezworen dat de schuldigen zullen worden berecht.

Zie ook

Werkwoorden met een zwakke en een sterke vervoeging (algemeen)

Ervaren: ervaarde / ervoer
Klagen: kloeg / klaagde
Schrok af / schrikte af
Uitgeplozen / uitgepluisd
Verrekken: verrokken / verrekt
Willen: wilde / wou, wilden / wou(d)en
Zegden / zeiden

Naslagwerken

ANS (1997), p. 90-93 of online via de E-ANS; Grote Van Dale (2015); Van Dale Hedendaags Nederlands (2008); Koenen (2006); Het Witte Woordenboek Nederlands (2007); Prisma Handwoordenboek Nederlands (2014); Onze Taal; Taaltelefoon