Als in een zin het onderwerp bestaat uit een enkelvoudig lid en een meervoudig lid die door zowel... als... aaneengeschakeld zijn, zoals in Zowel de wethouders als de burgemeester is/zijn tegen het voorstel, moet de persoonsvorm dan in het enkelvoud of in het meervoud staan?
Correct is: Zowel de wethouders als de burgemeester zijn tegen het voorstel.
Woorden en woordgroepen die door zowel... als... aaneengeschakeld worden, worden als een eenheid opgevat die als zinsdeel verschillende functies in de zin kan vervullen, waaronder die van onderwerp. Hoewel het bij de constructie zowel... als... naar de betekenis altijd om een meervoud gaat, is de meervoudsvorm van de persoonsvorm alleen verplicht als beide leden meervoudig zijn of als een van de leden van de constructie een meervoud is, ongeacht de volgorde. Voorbeelden:
(1a) Zowel de wethouders als de burgemeester zijn tegen het voorstel.
(1b) Zowel de burgemeester als de wethouders zijn tegen het voorstel.
Het congruentieprobleem bij onderwerpen met zowel... als... is historisch verklaarbaar. Oorspronkelijk richtte de persoonsvorm zich naar het lid dat volgt op zowel, omdat dat het eigenlijke onderwerp was. De woordgroep die door als wordt ingeleid, vormde met zo(wel) een bepaling in de zin; zo (wel) als had de betekenis van 'net (zo) als', 'zoals (ook)'. Voorbeelden:
(2a) De wethouders zijn tegen het voorstel, zowel als de burgemeester.
(2b) De burgemeester is tegen het voorstel, zowel als de wethouders.
Burgemeester en wethouders (B en W) heeft / hebben besloten
Een of meer deelnemers is / zijn uitgeschakeld
Evenmin als jij ga ik daar (niet) naartoe
Ik of jullie ga / gaan
Jan alsmede Piet hebben / heeft dat gedaan
Jan of ik heeft / heb / hebben dat gezegd
Jan of Piet hebben / heeft dat gedaan
Niet alleen Jan, maar ook Piet hebben / heeft dat gedaan
Noch Jan noch Piet hebben / heeft dat gedaan
Pietersen c.s hebben / heeft
Spek en eieren is lekker / spek en eieren zijn lekker
Verenigde Naties (VN) heeft / hebben
Zowel de politie als de brandweer zijn / is ter plaatse
Zowel ... als ... als ...
|
Handboek Verzorgd Nederlands (1996) , p. 164 |
Als dit soort onderwerpen zowel een enkelvoudig zelfstandig naamwoord bevat als een zelfstandig naamwoord dat in het meervoud staat, komt de persoonsvorm in het meervoud te staan: Zowel Jan (enkelv.) als de meisjes (meerv.) gaan vanavond naar het concert van The Dire Straits. |
|
Nieuw stijlboek Volkskrant (1997) , p. 187-188 |
Als er [in de constructie zowel...als...] sprake is van enkelvoud én meervoud, volgt een meervoudige werkwoordsvorm: Zowel de directie als de werknemers toonden zich verrast door het resultaat. |
|
ANS (1997) , p. 1514 |
In nevenschikkingen met zowel-als worden leden met nadruk aaneengeschakeld. Wat de betekenis betreft staat de reeksvormer zowel-als dus heel dicht bij en-en (...). Voorbeelden: Zowel de tantes als oom Toon brachten een pop mee. |