Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Verwachten (zich – aan)

Vraag

Is zich verwachten aan correct?

Antwoord

Nee, het wederkerende gebruik van verwachten komt weleens voor in België, maar behoort niet tot de standaardtaal. Alleen de niet-wederkerende vorm is standaardtaal. 

Toelichting

Het werkwoord verwachten bestaat in de standaardtaal alleen in de niet-wederkerende vorm.

(1) We verwachten je morgenavond.

(2) Dat antwoord had ik verwacht.

(3) Weinig marktdeskundigen verwachten dat de auto-import zal blijven staan op het recordpercentage van dertig procent.

In België wordt verwachten soms als een wederkerend werkwoord gebruikt, gecombineerd met aan. Zich verwachten aan wordt vaak gecombineerd met een voorzetselvoorwerp dat iets negatiefs aangeeft, en gaat veelal vergezeld van het hulpwerkwoord kunnen of mogen. Het gebruik van zich verwachten aan wordt evenwel niet door iedereen geaccepteerd en behoort niet tot de standaardtaal.

(4) Zij hadden zich verwacht aan een vriendelijker onthaal. (in België, geen standaardtaal)

(5) Harold Pinter reageerde verbaasd op zijn Nobelprijs. Hij had er zich totaal niet aan verwacht. (in België, geen standaardtaal)

(6) Naar Nederlands model is het merendeel van de verwerkingen vrijgesteld van de aangifteplicht en dus kan men zich verwachten aan een maximum van 40.000 aangiften. (in België, geen standaardtaal)

(7) Wie er uitziet als een buitenlander en geen paspoort of verblijfsvergunning op zak heeft, mag zich verwachten aan problemen. (in België, geen standaardtaal)

Zie ook

Interesseren (zich - aan / voor)

Naslagwerken

 

zich verwachten aan

verwachten

Grote Van Dale (2005)

4 (Belg.N., niet alg.) zich verwachten aan - [leenvertaling van Fr. s'attendre à], (iem., iets) verwachten.

1 wachten op, tegemoet zien, rekenen op, m.n. denken dat iets of iem. komen zal

Van Dale Hedendaags Nederlands (2006)

-

1 denken dat (iets) zal gebeuren, syn. iets tegemoet zien

Verschueren (1996)

-

2. denken dat iemand komen zal

3. tegemoet zien

Koenen (2006)

-

1 rekenen op de komst van

Kramers (2000)

[bij verwachten] 2 ZN: zich ~ aan verwachten, rekenen op, hopen op

1 rekenen op de komst van iets

Correct Taalgebruik (2006), p. 288

[bij verwachten (zich - aan), wordt afgekeurd] Het werkwoord verwachten bestaat alleen in de niet-reflexieve vorm. (…) In plaats van 'zich verwachten aan iets' gebruiken we iets verwachten, op iets rekenen.

-

Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 301

[bij verwachten, wordt afgekeurd] zich aan iets -, iets -, ergens op rekenen

-

Taalwijzer (1998), p. 353

[bij verwachten, wordt afgekeurd] niet: zich aan iets verwachten; vgl. Fr. s'attendre à

is een overgankelijk ww.; dus: iets verwachten

Stijlboek VRT (2003), p. 257

[bij verwachten, zich ~ aan, wordt afgekeurd] Leenvertaling uit het Frans. Algemeen Nederlands is: iets verwachten, zonder voorzetsel.

-

Vlaams-Nederlands woordenboek (2003)

[bij verwachten] zich verwachten aan iets, iets verwachten, ergens op rekenen, iets voorzien

-