Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Wijzigen: de situatie wijzigt

Vraag

Is de zin De situatie wijzigt correct?

Antwoord

De situatie wijzigt is correct.

Toelichting

Wijzigen kan op verschillende manieren gebruikt worden. Als overgankelijk werkwoord (met lijdend voorwerp) betekent het 'anders maken', 'aanpassen'. Het kan dan ook in de lijdende vorm gebruikt worden: iets wordt / is gewijzigd.

(1) We proberen al jaren om die wet te wijzigen.

(2) NS wijzigt de reistijden.

(3) De reistijden worden binnenkort gewijzigd.

Het wederkerend gebruik van wijzigen (met zich) heeft als betekenis '(uit zichzelf) anders worden'.

(4) Als je het eerste cijfertje aanpast, wijzigt de rest zich vanzelf.

Tegenwoordig wordt wijzigen ook zonder lijdend voorwerp of zonder wederkerend voornaamwoord gebruikt. Wijzigen betekent dan 'veranderen, (door iets) anders worden'.

(5) De prijs van diesel zal weer wijzigen.

(6) Voorlopig gaan we met z'n vieren naar zee, maar dat aantal kan nog wijzigen.

Wijzigen en zich wijzigen kunnen soms, maar niet altijd door elkaar gebruikt kunnen: wijzigen impliceert vaak dat de verandering door iets of iemand veroorzaakt wordt. Zich wijzigen impliceert meestal dat de verandering spontaan, uit zichzelf gebeurt.

(7) De situatie zal (zich) waarschijnlijk na verloop van tijd wel wijzigen.

(8) Bij multinationals zie je dat het beleid (zich) soms wijzigt.

(9) Door omstandigheden is zijn toestand plots gewijzigd.

(10) De loop van de rivier heeft zich door de jaren gewijzigd.

Veranderen kan ook zowel met als zonder lijdend voorwerp gebruikt worden. Als overgankelijk werkwoord betekent veranderen 'anders maken', 'een andere vorm geven'. Als onovergankelijk werkwoord betekent veranderen 'anders worden', 'in een bepaalde andere vorm overgaan'.

(11) Zij verandert regelmatig haar interieur.

(12) De goochelaar verandert de zakdoek in een duif.

(13) Wijn kan in azijn veranderen.

(14) Het weer verandert.

Gewijzigd en veranderd zijn meestal door elkaar te gebruiken.

(15) Na een scheiding moet iedereen zich aanpassen aan de veranderde/gewijzigde omstandigheden.

(16) De omstandigheden zijn veranderd/gewijzigd.

Zie ook

Onovergankelijk gebruik van overgankelijke werkwoorden (algemeen)

Communiceren: iets communiceren
Herinneren / zich herinneren
Missen / ontbreken
Openen: het museum opent / wordt geopend
Uitzaaien / zich uitzaaien
Zich bedenken / bedenken
Zich beseffen / beseffen

Bronnen

VRT.Taalnet. Wijzigen. Geraadpleegd op 23 januari 2014 via http://www.vrt.be/taal/wijzigen.

Naslagwerken

Grote Van Dale (2005); Stijlboek VRT (2003), p. 272; Geschiedenis van het Nederlands in de twintigste eeuw (1999), p. 140