Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Sturen aan / naar

Vraag

Stuur je een brief aan of naar iemand?

Antwoord

Een brief sturen aan iemand en een brief sturen naar iemand zijn beide correct.

Toelichting

In een brief sturen aan iemand is aan iemand een meewerkend voorwerp. Met het meewerkend voorwerp wordt de persoon, de groep personen of de instantie uitgedrukt aan wie iets wordt gestuurd; in het geval van een brief gaat het dus om de geadresseerde(n).

In een brief sturen naar iemand is naar iemand een bijwoordelijke bepaling die aangeeft 'in welke richting' (waarheen) de brief wordt gestuurd: naar welke persoon, personen of instantie toe.

(1a) Hij stuurde een brief aan zijn moeder.

(1b) Hij stuurde een brief naar zijn moeder.

(2a) Olga heeft een kaart aan haar ouders gestuurd.

(2b) Olga heeft een kaart naar haar ouders gestuurd.

(3a) Peter heeft een boze mail aan de directie gestuurd.

(3b) Peter heeft een boze mail naar de directie gestuurd.

Een formulering zonder een voorzetsel is overigens ook mogelijk. Bijvoorbeeld: Hij stuurde zijn moeder een brief.

Soms kan de geadresseerde (vaak een instantie) als een plaats worden gezien; in dat geval heeft het voorzetsel naar de voorkeur.

(4) Stuur de brief maar naar de receptie; die zal vervolgens kijken naar welke medewerker hij het best kan.

In combinatie met een fysieke plaats (dus geen persoon of instantie) wordt altijd naar gebruikt.

(5) Ik heb een brief naar zijn thuisadres gestuurd.

Zie ook

Bestaan in / uit
Bezwijken aan / onder
Dateren van / uit
Reppen van / over
Slagen in / voor
Vergelijken bij / met
Vertellen tegen / aan
Waarschuwen voor / tegen
Zeggen aan / tegen

Naslagwerken

Grote Van Dale (2015); Prisma Voorzetsels (2005); Prisma Handwoordenboek Nederlands (2014); Van Dale Hedendaags Nederlands (2006)