Is onverwachtse juist in de zin: Dat onverwachtse bezoek viel niet in goede aarde?
Ja, zowel onverwachts als onverwacht kan bijvoeglijk worden gebruikt, maar veel taalgebruikers geven in dit soort gevallen de voorkeur aan onverwacht.
Onverwacht en onverwachts zijn beide mogelijk als bijwoord en als bijvoeglijk naamwoord.
Tussen de woorden onverwacht en onverwachts is het belangrijkste verschil dat onverwacht letterlijk betekent: 'niet verwacht', terwijl in onverwachts het betekeniselement 'plotseling' aanwezig is. Vergelijk:
(1) Hij kwam onverwacht binnen.
(2) Onverwachts kwam hij binnen.
(3) Dat was een onverwachte nederlaag.
(4) Dat was een onverwachtse nederlaag.
(1) betekent alleen maar dat 'hij' niet verwacht werd; in (2) zit het element van verrassing; (3) houdt in dat de nederlaag tevoren niet verwacht was; (4) suggereert dat nog vlak voor het eindsignaal de overwinning veranderde in een nederlaag.
Een tweede verschil is dat onverwacht vooral voorkomt als bijvoeglijk naamwoord en onverwachts vooral als bijwoord. Vergelijk:
(5) De onverwachte reactie van de fietser veroorzaakte bijna een ongeluk.
(6) De gevaarlijke reactie van de fietser kwam onverwachts.
Omdat onverwachts traditioneel vooral als bijwoord voorkomt, zie je het nog niet zo vaak in de verbogen vorm:
(7) Het onverwachtse schot werd door de keeper niet tegengehouden.
Zin (7) is zeker mogelijk, maar velen prefereren onverwachte.
Respectievelijke / respectieve
Recentelijk / recent
Tevergeefse / vergeefse
Voorafgaandelijk / voorafgaand
Onze Taal 62 (1993), 39.
Grote Van Dale (2005); Van Dale Handwoordenboek (1996); Kramers (1996); Verschueren (1996); Grote Prisma (1997); Wolters-Koenen (1996); Schrijfwijzer (1995), p. 90; Prisma Stijlboek (1993), p. 194