Zijn onophoudelijk en zonder ophouden synoniemen?
Onophoudelijk en zonder ophouden hebben dezelfde basisbetekenis, namelijk 'gedurig, aanhoudend, voortdurend'.
Toch ontwikkelde er zich geleidelijk aan een licht betekenisverschil tussen beide: onophoudelijk kreeg namelijk een meer algemene, figuurlijke betekenis ('heel erg', 'almaar'), terwijl zonder ophouden alleen letterlijk te interpreteren bleef.
Volgens Van Dale betekent onophoudelijk: 'zonder ophouden voortgaand, aanhoudend'. Zonder ophouden betekent volgens Van Dale eveneens: 'gedurig, aanhoudend'.
Plaatsen we onophoudelijk en zonder ophouden in een voorbeeldzin, dan voelen sommige taalgebruikers toch een betekenisverschil. Zo kun je wel zeggen: De Volkskrant heeft onophoudelijk kritiek op Brinkman (frequent) en maar moeilijk: De Volkskrant heeft zonder ophouden kritiek op Brinkman. Het laatste zou betekenen dat de krant niets anders doet dan op Brinkman kritiek hebben.