Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Ongelofelijk / ongelooflijk

Vraag

Wat is de juiste vorm: ongelofelijk of ongelooflijk?

Antwoord

Beide vormen zijn correct. Er is geen betekenisverschil.

Toelichting

Ongelooflijk en ongelofelijk zijn vormvarianten die corresponderen met twee mogelijke uitspraken (met of zonder tussenklank [ə]). Deze woorden hebben als betekenis 'onaannemelijk, niet te geloven' of bij uitbreiding 'buitengewoon (groot), enorm'. Ze kunnen allebei als bijvoeglijk naamwoord (zin (1) en (2)) of als bijwoord (zin (3) en (4)) gebruikt worden.

(1) Wat je me nu vertelt, is echt ongelooflijk / ongelofelijk.

(2) Samen gaan we nog ongelooflijke / ongelofelijke projecten realiseren.

(3) Naomi heeft ongelooflijk / ongelofelijk mooi gezongen.

(4) Samenwerking tussen de verschillende Europese landen blijft ongelooflijk / ongelofelijk belangrijk.

Veel afleidingen op -(e)lijk waarvan het grondwoord op f eindigt (zoals ongeloof - ongelooflijk/ongelofelijk), hebben een vorm met en één zonder tussenklank e. Harde regels zijn hiervoor niet te geven. De dubbele vorm komt vooral voor na een lange klinker of tweeklank. Na een korte klinker of medeklinker wordt meestal de tussenklank -e- ingevoegd na de f.

Voorbeelden van woorden met een dubbelvorm: gerieflijk/geriefelijk, lieflijk/liefelijk, onbeschrijflijk/onbeschrijfelijk, ongerieflijk/ongeriefelijk, (on)vergeeflijk/(on)vergefelijk(on)sterflijk/(on)sterfelijk, toegeeflijk /toegefelijk.

Voorbeelden van woorden die (meestal) op -elijk eindigen: erfelijk, grondstoffelijk, hoffelijk, lijfelijk, lijfstraffelijk, loffelijk, (on)bederfelijk, (on)stoffelijk, treffelijk, verderfelijk, voortreffelijk.

Zie ook

Ideeënloos / ideeëloos
Werkeloos / werkloos
Zorgenloos / zorgeloos

Naslagwerken

ANS (1997), p. 712-713, 715 of online via de E-ANS; Grote Van Dale (2015); Van Dale Hedendaags Nederlands (2008); Koenen (2006); Prisma Handwoordenboek Nederlands (2014); Onze Taal; Taaltelefoon; VRTtaal.net