Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Menig / menige politicus

Vraag

Wat is correct: Menig politicus heeft zich op de kwestie stukgebeten of Menige politicus heeft zich op de kwestie stukgebeten?

Antwoord

Zowel menig politicus als menige politicus is correct.

Toelichting

Het onbepaald voornaamwoord menig kent een onverbogen en een verbogen vorm. Voor een het-woord wordt de onverbogen vorm menig gebruikt.

(1) Deze vakantie heeft ze menig boek verslonden.

(2) Het is in menig opzicht een lastige kwestie.

(3) Kostuumdrama's zijn bij menig meisje populair.

Bij de-woorden die niet naar een persoon verwijzen, is alleen de vorm menige juist.

(4) Menige stad heeft een geheel nieuw station gekregen.

(5) Die politici hebben al menige discussie met elkaar gevoerd.

(6) Die politici hebben al menige felle discussie met elkaar gevoerd.

Bij de-woorden die naar personen verwijzen is zowel menig als menige mogelijk.

(7) Menig(e) ouder is snel bezorgd.

(8) Door dat boek heeft menig(e) schrijfster zich laten inspireren.

(9) Menig(e) politicus heeft zich op de kwestie stukgebeten.

(10) In de hoofdpersoon van de roman zal menig(e) vrouw zich herkennen.

(11) Menig(e) man spiegelt zich graag aan die acteur.

Voor het woord mens en het woord persoon blijft menig echter vaak onverbogen.

(12) Menig mens kan een voorbeeld nemen aan het sociale gedrag van dieren.

(13) Zij doet menig persoon versteld staan van haar vocale talent.

(14) Menig bewindspersoon heeft zich al op de kwestie stukgebeten.

Als er een bijvoeglijk naamwoord tussen menig(e) en de persoonsaanduiding in staat, past dat zich aan de verbogen of onverbogen vorm van menig(e) aan.

(15a) Menig beroemd schilder heeft hier gewerkt.

(15b) Menige beroemde schilder heeft hier gewerkt.

Zie ook

Verbogen / onverbogen bijvoeglijk naamwoord zonder betekenisverschil (algemeen)

Elk / elke mens
Goed(e) nota nemen van iets

Bronnen

VRT.Taalnet. Menig. Geraadpleegd op 2 maart 2015 via http://www.vrt.be/taal/menig.

Onze Taal. Menig / menige leerling. Geraadpleegd op 2 maart 2015 via https://onzetaal.nl/taaladvies/advies/menig-menige-leerling.

Naslagwerken

ANS (1997), p. 350 of online via de E-ANS, p. 371 of online, p. 410 of online; Schrijfwijzer (2012), p. 294; Taalboek Nederlands (1997), p. 120