Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Jobstudent / werkstudent / vakantiewerker

Vraag

Is jobstudent correct?

Antwoord

Ja, jobstudent is standaardtaal in België.

Toelichting

Een student die naast zijn studie betaald werk heeft om zijn studiekosten te betalen en in zijn levensonderhoud te voorzien, wordt in de standaardtaal in België gewoonlijk een jobstudent genoemd. Standaardtaal in het hele taalgebied is werkstudent.

(1) In de loop van het jaar zijn jobstudenten duur. [standaardtaal in België]

(2) Jobstudenten hebben het erg zwaar tijdens hun studie. [standaardtaal in België]

(3) Toen ik nog studeerde, had ik altijd wel ergens een baantje als werkstudent.

(4) Tussendoor volgde hij als werkstudent colleges en hij werd uiteindelijk licentiaat in de rechten.

Een student die enkele weken tijdens de zomervakantie werkt, noemt men in de standaardtaal in het hele taalgebied een vakantiewerker. Standaardtaal in België is ook hier weer jobstudent.

(5) De vakantiewerker kreeg een maand de tijd om het hele adressenbestand te herwerken.

(6) In juli aten de vakantiewerkers elke middag samen aan een tafel.

(7) Dat werk kan ik evengoed door een jobstudent laten uitvoeren! [standaardtaal in België]

(8) De jobstudent mocht de hele maand ijsjes verkopen op het strand. [standaardtaal in België]

Jobstudent en werkstudent worden soms zelfs door elkaar in dezelfde tekst gebruikt, zoals in het volgende voorbeeld (uit een reclamecampagne van een uitzendbureau):

(9) De ultieme informatie voor en over jobstudenten. Een studentenjob vinden of een werkstudent in dienst nemen. Dat kan via Interlabor. [standaardtaal in België]

Zie ook

Job / baan

Naslagwerken

jobstudent(e) werkstudent(e)
Grote Van Dale (2005) (alg.Belg.N.) werkstudent student die betaalde werkzaamheden verricht naast zijn studie, ter bestrijding van de kosten daarvan of ter voorziening in zijn levensonderhoud
Van Dale Hedendaags Nederlands (2006) 1 (Belg.) werkstudent 1 student die betaald werk heeft naast de studie, om zijn studiekosten te betalen en in zijn levensonderhoud te voorzien, syn. jobstudent
Verschueren (1996) Z.N. werkstudent(e) student(e) die met een baantje wat geld verdient
Koenen (2006) - student(e) die betaalde arbeid verricht om de studie te kunnen bekostigen
Kramers (2000) ZN werkstudent student die met betaald bijwerk zijn studiekosten bestrijdt
Correct Taalgebruik (2001), p. 125 [jobist: In België wordt soms een onderscheid gemaakt tussen jobstudenten en werkstudenten: een jobstudent is een student die wat wil bijverdienen; een werkstudent is iemand die naast zijn werk ook (deeltijds) studeert. Een zinvol onderscheid. In Nederland is het woord jobstudent onbekend, maar het wordt er wel zonder enig probleem begrepen.] -
Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 130 [wordt afgekeurd] 1) werkstudent (=  iem. die tijdens zijn studie gaat werken om in zijn levensonderhoud te voorzien en om zijn studie te bekostigen); 2) vakantiewerker (= jongere, meestal scholier, die in de vakantie gaat werken om wat bij te verdienen)
[job(b)ist(e): [wordt afgekeurd] werkstudent(e)]
-
Vlaams-Nederlands woordenboek (2003) werkstudent(e) -