Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Hou / houd

Vraag

Wat is correct: Ik hou van zingen of Ik houd van zingen?

Antwoord

Zowel Ik hou van zingen als Ik houd van zingen is correct. In gesproken taal is hou de gewoonste vorm, evenals in minder formele geschreven taal. In formelere geschreven taal komt de vorm houd meer voor.

Toelichting

Er zijn enkele werkwoordsvormen die op een d eindigen waarbij die d kan vervallen. Het gaat om de vormen houd, snijd, rijd en glijd. Die vormen komen voor in de volgende gevallen:

- Bij de eerste persoon enkelvoud van de tegenwoordige tijd:

(1a) Ik houd van zingen.

(1b) Ik hou van zingen.

(2a) Snijd ik de groente zo goed?

(2b) Snij ik de groente zo goed?

- Bij de tweede persoon enkelvoud van de tegenwoordige tijd als de persoonsvorm voor het onderwerp je of jij staat:

(3a) Houd jij ook van zingen?

(3b) Hou jij ook van zingen?

(4a) Volgens mij rijd je verkeerd.

(4b) Volgens mij rij je verkeerd.

- Bij de gebiedende wijs:

(5a) Houd voldoende afstand.

(5b) Hou voldoende afstand.

(6a) Glijd niet uit!

(6b) Glij niet uit!

Zoals uit voorbeeld (6) al blijkt, komt ook bij scheidbaar samengestelde werkwoorden het weglaten van de d voor, zoals bij uitglijden, ophouden, vasthouden, doorrijden en fijnsnijden. Bij het werkwoord uitscheiden doet zich hetzelfde voor, maar hier is de vorm met -d (scheid uit) niet gebruikelijk.

(7) Schei toch uit!

De vormen zonder d komen in gesproken taal én informele geschreven taal veel voor. In formelere geschreven taal zijn de vormen met d gebruikelijker.

Let op: als de d wel wordt geschreven – bijvoorbeeld Ik houd van zingen en Rijd je zo wel goed? – hoeft dat niet te betekenen dat hij bij het voorlezen van de tekst ook moet worden uitgesproken.

Bijzonderheid

In spreektaal en in informele schrijftaal komen ook vormen als houen, rijen en snijen voor.

Zie ook

Weergave van uitspraak (algemeen)

Houden aan
Leiddraad / leidraad
Openhouden / houden
Voorrijdkosten / voorrijkosten
Wordt / word lid

Naslagwerken

ANS (1997), p. 67 of online via de E-ANS, p. 71-72 of online; Schrijfwijzer (2012), p. 441-442; Vraagbaak Nederlands (2016), p. 96; Onze Taal (2017); Taaltelefoon (2017); VRTtaal.net (2017)