Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Afwisseling in woordkeuze

Vraag

Moet je in een tekst een woord dat vaak voorkomt ter wille van de afwisseling af en toe vervangen door een synoniem?

Antwoord

Alleen maar als dat niet ten nadele gaat van de duidelijkheid. Anders moet u omzien naar andere middelen, zoals het gebruik van ondergeschikte termen, overkoepelende termen of omschrijvingen, of het gebrek aan afwisseling voor lief nemen.

Toelichting

Omdat goede teksten altijd over een welomschreven onderwerp gaan, is steeds het gevaar aanwezig dat een bepaald woord of bepaalde woorden er erg veel in voorkomen. Ter wille van de aantrekkelijkheid adviseert men dan veelal om ook synoniemen te gebruiken. In de praktijk blijkt dat evenwel lastig te zijn.

Veel woorden hebben namelijk geen echt synoniem. Denk maar aan appel, huis, democratie of vrijheid. En als ze wel een synoniem hebben hoort dat dikwijls thuis in een ander register; vaak is het ene woord een oorspronkelijk Nederlands woord en het andere een leenwoord. Denk aan attitude naast houding, filosoof naast wijsgeer of religie naast godsdienst. Dergelijke woorden kun je niet altijd zomaar door elkaar gebruiken. In andere gevallen hebben de synoniemen totaal verschillende gevoelswaarden, zodat ze evenmin zomaar door elkaar gebruikt kunnen worden. Denk aan bedrijf, tent en toko of aan jongedame, meisje, grietje en mokkel.

Is afwisseling dan bijna onmogelijk? Nee, er bestaan drie geschikte methoden: het gebruik van ondergeschikte termen (hyponiemen), van overkoepelende termen (hyperoniemen) en van omschrijvingen (perifrasen).

Hyponiemen hebben betrekking op een subcategorie van het woord waar ze het hyponiem van zijn. Ze hebben dus niet dezelfde betekenis, maar ze kunnen in combinatie met andere hyponiemen het oorspronkelijke woorden wel vervangen. Bij voorkeur moet zo'n vervanging functioneel zijn, bijvoorbeeld door voor de lezer nog eens duidelijk te maken uit welke categorieën een bepaald begrip bestaat. Bijvoorbeeld:

(1) De docenten verbonden aan het hoger onderwijs zullen binnenkort voor het eerst in de geschiedenis staken. De meerderheid van de hbo- en universiteitsdocenten schijnt daartoe bereid te zijn.

(2) De geallieerden uit de Tweede Wereldoorlog kwamen op D-day bijeen op Omaha Beach. Daar hield oud-premier Thatcher een redevoering voor de verzamelde staatshoofden en regeringsleiders van Amerika, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Rusland.

Hyperoniemen hebben betrekking op een klasse waartoe het woord behoort waar ze een hyperoniem van zijn. Hoewel ze dus geen synoniem zijn van het bedoelde woord kunnen ze het in teksten toch vervangen, mits ze worden voorafgegaan door een woord dat een inperking van de betekenis aangeeft, bijvoorbeeld een aanwijzend voornaamwoord. Bijvoorbeeld:

(3) In de Utrechtse nieuwbouwwijk Leidsche Rijn worden naast flats en gewone rijtjeshuizen ook schakelbungalows, patiowoningen en zogenaamde kantoorwoningen gebouwd. Al deze woningen zijn zowel als huur- alsook als koopwoning verkrijgbaar.

(4) Wij hebben gekozen voor een annuïteitenhypotheek. Deze hypotheekvorm was in ons geval voordeliger dan andere vormen van geldlening.

Perifrasen zijn omschrijvingen van een begrip. Zij kunnen naast afwisseling ook nut hebben als verduidelijking of als stilistische verfraaiing. Bijvoorbeeld:

(5) Nu Tibet door China bezet is, is Vaticaanstad de enige op aarde overgebleven theocratie. In zo'n als het ware rechtstreeks door God of diens plaatsvervanger bestuurd land is elke vorm van democratie uiteraard uit den boze.

(6) Koning Albert legde samen met koningin Paola een krans bij het monument voor de onbekende soldaat op het Congresplein. De populaire vorst had duidelijk moeite met het bedwingen van zijn emoties.

Bronnen

Verhoeven, G. (1995). Berlusconi of de Italiaanse mediatycoon. Duidelijke afwisseling van termen. Tekst[blad], 1, nr. 3, 45-47
Janssen, D. e.a. (red.) (1996). Zakelijke Communcatie I (3e dr.). Groningen: Wolters-Noordhoff. (pp. 133-134)