Moet gelukkiglijk of gelukkig worden gebruikt in een zin als Ze vond gelukkig(lijk) nog de kracht om verder te gaan?
Correct is: Ze vond gelukkig nog de kracht om verder te gaan.
Bijwoorden worden soms gekenmerkt door het achtervoegsel -lijk (gewoon vs. gewoonlijk; bepaald vs. bepaaldelijk). Vergelijk het Engelse -ly (honest vs. honestly).
In het verleden heeft men wel kunstmatig geprobeerd bij ieder als bijwoord gebruikt bijvoeglijk naamwoord een vorm met -lijk af te leiden. Dat is niet gelukt: de voorstanders van dit gebruik werden al in het begin van de negentiende eeuw door Bilderdijk 'likkers' genoemd. Er was vooral verzet tegen de stapeling van achtervoegsels -ig en -lijk: -lijk zou in het algemeen vermeden moeten worden, maar -iglijk zou in ieder geval door -elijk vervangen moeten worden. De vorm gelukkelijk komt in ouder Nederlands ook wel voor, maar is evenals gelukkiglijk in onbruik geraakt. Het bijvoeglijk naamwoord gelukkig kan gewoon als bijwoord gebruikt worden.
In het Woordenboek correct taalgebruik en de ABN-gids wordt gelukkiglijk afgekeurd. Correct is: gelukkig, en met meer nadruk gelukkigerwijs, gelukkigerwijze.
Recentelijk / recent
Respectievelijke / respectieve
Voorafgaandelijk / voorafgaand
Toorn, M.C. van den e.a. (Red.) (1997). Geschiedenis van de Nederlandse taal. Amsterdam: University Press. (p. 417)
Correct Taalgebruik (1997), p. 74; Woordenboek correct taalgebruik (1994); ABN-gids (1996)