Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Socialewoningbouw / sociale woningbouw

Vraag

Wat is de juiste schrijfwijze: sociale woningbouw of socialewoningbouw?

Antwoord

Beide spellingen zijn correct. Er is geen wezenlijk betekenisverschil.

Toelichting

Socialewoningbouw is een samenstelling met een woordgroep (sociale woning) als eerste deel. Sociale heeft betrekking op woning. De betekenis is 'bouw van sociale woningen'. In de woordgroep sociale woningbouw is sociale een los bijvoeglijk naamwoord bij de samenstelling woningbouw. Sociale slaat hier op woningbouw en de betekenis kan omschreven worden als 'woningbouw met een sociaal doel'. Doordat de betekenissen heel dicht bij elkaar liggen, zijn beide spellingen gelijkwaardig.

In woordgroepen met begrippen die een vakgebied of maatschappelijk terrein aanduiden, zijn vaak twee schrijfwijzen verdedigbaar; bijvoorbeeld in combinaties met sociaal, cultureel, wetenschappelijk, financieel, fiscaal en dergelijke. Bij de schrijfwijze als woordgroep betekent het bijvoeglijk naamwoord iets als 'op sociaal/wetenschappelijk/financieel… vlak' of 'met een sociaal/wetenschappelijk/financieel … doel'. Fiscalefraudebestrijding bijvoorbeeld is bestrijding van fiscale fraude en fiscale fraudebestrijding is fraudebestrijding op fiscaal vlak. Geestelijkegezondheidszorg is zorg voor de geestelijke gezondheid, geestelijke gezondheidszorg is gezondheidszorg die betrekking heeft op het geestelijke. Er is bij zulke combinaties meestal geen groot of relevant betekenisverschil tussen de samenstelling en de woordgroep. Veelvoorkomende combinaties als geestelijke gezondheidszorg worden meestal in twee woorden geschreven.

Soortgelijke voorbeelden zijn: bilateraaloverlegorgaan / bilateraal overlegorgaan; literaireprijsuitreiking / literaire prijsuitreiking; notioneleinterestaftrek / notionele interestaftrek; nucleairewapenfabriek / nucleaire wapenfabriek; rationelekeuzetheorie / rationele keuzetheorie; socialehuisvestingsmaatschappij / sociale huisvestingsmaatschappij; socialevaardigheidstraining / sociale vaardigheidstraining.

Soms heeft het bijvoeglijk naamwoord een andere vorm in de samenstelling dan in de woordgroep. Dat wordt bepaald door het woordgeslacht en het getal van het zelfstandig naamwoord waarop het bijvoeglijk naamwoord betrekking heeft. Zo krijgt openbaar in openbaarvervoersmaatschappij geen buigings-e omdat openbaar op vervoer slaat, wat een het-woord is. In openbare vervoersmaatschappij wordt openbaar wel verbogen, want (vervoers)maatschappij is een de-woord. Nog enkele voorbeelden: een geografische-informatiesysteem / een geografisch informatiesysteem; een financieeltoezichthouder / een financiële toezichthouder; een cultureelerfgoedinstelling  / een culturele erfgoedinstelling.

Bijzonderheid

Drie mogelijkheden zijn er bij intellectueeleigendomsrechten / intellectuele-eigendomsrechten / intellectuele eigendomsrechten. Eigendom kan zowel een de-woord als een het-woord zijn: in de samenstelling kan intellectueel dus met of zonder buigings-e geschreven worden. In de woordgroep slaat intellectueel op rechten en wordt het altijd verbogen.

Zie ook

Woordgroep los (Leidraad 6.1)
Samenstelling en afleiding aaneen (Leidraad 6.2)
Woordgroep in samenstelling (Leidraad 6.7)
Aaneenschrijven: drieledige samenstelling of woordgroep? (algemeen)
Verbogen / onverbogen bijvoeglijk naamwoord zonder betekenisverschil (algemeen)

Grote-stedenbeleid / grotestedenbeleid
Iersesetterpup (hoofdletter?)
Nederlandsetaalunie / Nederlandse-taalunie / Nederlandse-Taalunie/ Nederlandse taalunie / Nederlandse Taalunie
Tammekastanjeboom / tamme kastanjeboom

Naslagwerken

Woordenlijst (2015); Grote Van Dale (2015); Onze Taal; Taaltelefoon