Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Op hun / zijn plaats (beschuldigingen zijn hier niet -)

Vraag

Wat is juist: Beschuldigingen zijn hier niet op hun plaats of Beschuldigingen zijn hier niet op zijn plaats?

Antwoord

Beide zinnen zijn juist. In plaats van zijn is ook de vorm z'n mogelijk: Beschuldigingen zijn hier niet op z'n plaats.

Toelichting

Om naar meerdere dieren of zaken te verwijzen is zowel op zijn/z'n plaats als op hun plaats mogelijk.

(1a) Beschuldigingen zijn hier niet op hun plaats.

(1b) Beschuldigingen zijn hier niet op zijn/z'n plaats.

Dit geldt ook voor andere vaste combinaties met op, een bezittelijk voornaamwoord en een zelfstandig naamwoord of overtreffende trap: het bezittelijk voornaamwoord kan zich in dat geval aanpassen aan de dieren of zaken waarnaar het verwijst óf onveranderlijk zijn/z'n blijven. Zijn kan worden uitgesproken als [z∂n].

(2a) Soms moet je zaken op hun beloop laten.

(2b) Soms moet je zaken op z'n/zijn beloop laten.

(3a) De asperges zijn deze zomer op hun best.

(3b) De asperges zijn deze zomer op z'n best.

Als de constructie verwijst naar een of meer personen, past het bezittelijk voornaamwoord zich meestal aan.

(4) Ik voel me erg op mijn/m'n gemak.

(5) ’s Avonds is zij op haar/d'r best.

(6) De acrobaat was niet erg op zijn/z'n gemak toen hij over de koord liep.

(7) Na een goede nachtrust zing jij op je mooist.

(8) De muzikanten speelden op hun zachtst.

Bijzonderheid

In enkele vaste uitdrukkingen wordt zijn/z'n niet aangepast bij personen. Z'n/zijn kan in die gevallen worden beschouwd als onveranderlijk onderdeel van de uitdrukking.

(9) Ze doen het op z’n/zijn Frans.

(10) We doen het maar op z'n janboerenfluitjes.

Zie ook

Volle en gereduceerde vormen van persoonlijke en bezittelijke voornaamwoorden (algemeen)

Met z'n / ons allen
Met vieren / met ons gevieren / met vier / met z'n vieren / met ons vieren

Naslagwerken

ANS (1997), p. 293-294 of online via de E-ANS en p. 423-424 of online; Schrijfwijzer (2012), p. 255-256