Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Bruto(-)inkomsten / netto(-)inkomsten

Vraag

Hoe schrijf je bruto(-)inkomsten en netto(-)inkomsten?

Antwoord

De correcte schrijfwijzen zijn bruto-inkomsten en netto-inkomsten.

Toelichting

Samenstellingen met de bijwoorden bruto en netto waarvan het tweede lid een zelfstandig naamwoord is, worden aan elkaar geschreven, bijvoorbeeld: brutosalaris, brutoloon, nettowinst, nettobedrag. Omdat o en i botsende klinkers zijn, komt er in het geval van bruto- en netto-inkomsten een koppelteken te staan.

Ook in samenstellingen met meer dan één zelfstandig naamwoord schrijven we de delen aan elkaar: nettobestaansminimum, nettogezinsinkomen, nettobedrijfsresultaat.

Combinaties zoals bruto nationaal product en netto belastbaar inkomen, waarbij bruto of netto niet wordt gevolgd door een zelfstandig naamwoord, worden los geschreven. Vergelijkbare voorbeelden zijn: bruto toegevoegde waarde en netto operationele winst.

Zie ook

Samenstelling en afleiding aaneen (Leidraad 6.2)

Linker hand / linkerhand, rechter hand / rechterhand
Maximum capaciteit / maximumcapaciteit
Standaard afmeting / standaardafmeting

Naslagwerken

Woordenlijst (2015)