Hoe adresseer ik een brief aan twee mensen van gelijk geslacht?
Noem beide partners bij voorkeur bij hun eigen naam, met telkens de heer of mevrouw ervoor.
Een adressering aan twee mannen of twee vrouwen ziet er bijvoorbeeld als volgt uit.
(1) De heer C. Lucassen en de heer A. den Ouden
(2) Mevrouw N. De Mos en mevrouw M. Ferencz
Als twee mannen of twee vrouwen met elkaar getrouwd zijn of een geregistreerd partnerschap hebben, kunnen ze elkaars achternaam gebruiken. Er zijn verschillende mogelijkheden.
(3) De heer C. Lucassen-den Ouden en de heer A. Lucassen-den Ouden
(4) De heer C. Lucassen en de heer A. Lucassen-den Ouden
(5) Mevrouw N. Ferencz-de Mos en mevrouw M. De Mos-Ferencz
Bij twee mannen is een verkorte vorm met de heren mogelijk als de ene man de achternaam van zijn partner voor zijn geboortenaam voert.
(6) De heren Lucassen-den Ouden
Bij twee vrouwen is zo’n verkorte vorm minder goed mogelijk, omdat niet iedereen mevrouwen en dames als aanspreekvorm geschikt vindt.
In de briefaanhef wordt van elke persoon (het eerste deel van) de achternaam genoemd.
(7) Geachte heer Lucassen, geachte heer Den Ouden,
(8) Geachte mevrouw De Mos, geachte mevrouw Ferencz,
Als beide partners dezelfde achternaam voeren, zoals in voorbeeld (3) en (4), is een verkorte vorm met heren mogelijk.
(9) Geachte heren Lucassen,
Omdat niet iedereen mevrouwen en dames als aanspreekvorm geschikt vindt, is zo’n verkorte vorm bij twee vrouwen minder goed mogelijk.
Soms wordt de heer afgekort tot dhr. en mevrouw tot mw. De voorkeur gaat uit naar de niet-afgekorte versie.
Adressering aan gehuwden of samenwonenden
Geachte meneer, / Geachte mijnheer, / Geachte heer,
Geachte mevrouw / Geachte mevrouw,
Geachte mevrouw Jansen, / Geachte mevrouw,
Dr. X en mevrouw dr. X / de heer dr. X en mevrouw dr. X
Taaltelefoon (2005). Brief aan een homokoppel. Geraadpleegd op 2 januari 2009 via http://taaltelefoon.vlaanderen.be/nlapps/docs/default.asp?fid=177
Schrijfwijzer (2005), blz. 400-401; Taal-top-100 (2007), blz. 197; Titels, graden en titulatuur (2005), blz. 164