Ja, eerbaar en eerzaam kunnen in de standaardtaal zowel de betekenis 'kuis', 'welvoeglijk', 'zedig', 'fatsoenlijk' hebben, als de betekenis 'achtenswaardig', 'respectabel'. Beide woorden worden in het dagelijkse taalgebruik dan ook door elkaar gebruikt.
Oorspronkelijk was er in de standaardtaal een betekenisverschil tussen eerbaar en eerzaam. Eerbaar betekende 'kuis', 'zedig', 'betamelijk', 'decent', 'fatsoenlijk', 'welvoeglijk', 'deugdzaam'. Eerzaam had als synoniemen achtenswaardig, respectabel of aanvaardbaar.
In de hedendaagse standaardtaal is dat betekenisverschil verdwenen. Eerbaar en eerzaam worden nu door elkaar gebruikt, in beide betekenissen. In Nederland komen beide varianten frequent door elkaar voor. In België komt eerbaar weliswaar frequenter voor dan eerzaam, maar ook eerzaam is er gangbaar. De onderstaande zinnen zijn dus allemaal standaardtaal.
(1) De dominee heeft twee zeer eerbare dochters.
(2) Dat is een eerzaam voorstel.
(3) De Franse minister van milieu heeft het over een eerbaar compromis.
(4) [over juristen] Maar ik vind wel dat mensen eens moeten zien dat het een heel eerbaar beroep is en niet alleen maar kommer en kwel.
(5) Monica is geen eerzaam meisje.
| eerbaar | eerzaam | |
| Grote Van Dale (2005) | 1 (van vrouwen) kuis, zedig (…) eerbare woorden betamelijke 2 (van uitingen) betamelijk 3 (niet alg.) eerzaam, achtenswaardig, respectabel (1) 4 [leenvertaling van Fr. honorable], (niet alg.) aanvaardbaar | 1 achtenswaardig, deugdzaam, zedig |
| Van Dale Hedendaags Nederlands (2002) | 1 (archa.) deugdzaam 2 (Belg., niet alg.) eerbiedwaardig, achtenswaardig, respectabel | 1 deugdzaam 2 (van ambachtslieden en kleine luiden) fatsoenlijk, met bijgedachte aan bekrompenheid, syn. braaf |
| Verschueren (1996) | betamelijk en deugdzaam (…) Syn. eerzaam, ingetogen, kuis, rein | 1. achtenswaardig (…) 2. Inz. Iron. fatsoenlijk (…) Syn. *eerbaar |
| Koenen (1999) | 1 kuis, rein, zedig: 2 achtenswaardig | braaf, deugdzaam, fatsoenlijk |
| Kramers (2000) | zedig, kuis | braaf, deugdzaam (vaak ironisch) |
| Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 76 | [wordt afgekeurd] eerzaam, eervol | - |
| Taalwijzer (1998), p. 116 | Niet te verwarren met *eervol; eerbaar betekent achtenswaardig. | - |
| Vlaams-Nederlands woordenboek (2003) | in België ook: respectabel, eerbiedwaardig, aanvaardbaar | - |