Is het beroep doen op of een beroep doen op?
Standaardtaal is een beroep doen op.
Gebruikelijk in de standaardtaal is de uitdrukking een beroep doen op iets of iemand.
(1) De politie heeft een beroep gedaan op de brandweer.
(2) We moeten een beroep doen op uw begrip.
In België en heel af en toe ook in Nederland wordt het lidwoord in deze uitdrukking weggelaten. Het weglaten van een wordt door veel mensen niet aanvaard.
(3) Wie beroep wil doen op zijn dienstverlening, zal veel geld moeten neertellen. (geen standaardtaal)
(Een) Italiaanse (zij is -)
Lucht (in de open -)
| beroep doen op | een beroep doen op | |
| Grote Van Dale (2005) | [bij beroep] (Belg.N., niet alg.) beroep doen op - [leenvertaling van Fr. faire appel à] | [bij beroep] een beroep doen op iemands hulpvaardigheid, op zijn vriendschap, op zijn beurs, zijn hulp, vriendschap, bijstand inroepen |
| Van Dale Hedendaags Nederlands (2002) | - | [bij beroep] een beroep2 doen op iem. of iets vragen |
| Verschueren (1996) | - | [bij beroep] A. Eig. 1. het tot zich roepen, alleen nog in de uitdru.: een - doen op iemand of iets, te hulp roepen; een - doen op iemands eergevoel of rechtschapenheid, zich tot hem wenden om volgens dat gevoel te handelen |
| Koenen (1999) | - | [bij beroep] 1 het te hulp roepen: een ~ doen op iems steun; een ~ doen op overmacht |
| Kramers (2000) | - | [bij beroep] 3 (…) een ~ doen op iem., iets de steun van iem., iets inroepen |
| Correct Taalgebruik (2001), p. 37 | [wordt afgekeurd] In de uitdrukking 'beroep doen op' ontbreekt het lidwoord een (Vergelijk het Frans 'faire appel à'). | - |
| Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 31 | [bij beroep, wordt afgekeurd] - doen op, een - doen op | - |
| Taalwijzer (1998), p. 64 | [bij beroep, wordt afgekeurd] niet: beroep doen op | [bij beroep] Correct is: een beroep doen op |
| Stijlboek VRT (2003), p. 41 | [bij beroep] Algemeen Nederlands is: een beroep doen op. Het lidwoord hoort erbij. | [bij beroep] Algemeen Nederlands is: een beroep doen op. Het lidwoord hoort erbij. |
| Vlaams-Nederlands woordenboek (2003) | [bij beroep] beroep doen op iemand/iets, een beroep doen op iemand/iets, de hulp van iemand/iets inroepen | - |