Officiële spelling Nederlandse Taalunie

Bepaling

Een bepaling is het deel van een constructie dat een nadere specificatie of omschrijving uitdrukt van de kern van die constructie en aan die kern ondergeschikt is. Er zijn twee soorten bepalingen: bijvoeglijke en bijwoordelijke. Bijvoeglijke bepalingen zijn altijd bepaling bij een zelfstandig naamwoord. Het kan gaan om bijvoeglijke naamwoorden, voorzetselgroepen, genitieven of bijzinnen:

(1) een groot feest, een mooi gezicht

(2) het Huis van Oranje, de Koning der Belgen

(3) De secretaris heeft de brief die gisteren is bezorgd, nog niet gelezen.

Alle andere bepalingen worden bijwoordelijke bepalingen genoemd. Er zijn twee soorten bijwoordelijke bepaling: bijwoordelijke bepaling bij (deel van) een zinsdeel en bijwoordelijke bepaling als zinsdeel. Voorbeelden van de eerste soort zijn bijwoordelijke bepalingen (bijwoorden) die deel uitmaken van bijvoeglijke bepalingen (met een bijvoeglijk naamwoorden als kern) of bijwoordelijke bepalingen die zinsdeel zijn (met een bijwoord of een voorzetselgroep als kern):

(4) heel groot, erg mooi

Voorbeelden van bijwoordelijke bepalingen (bijwoorden, voorzetselgroepen en bijzinnen) die zinsdeel zijn in de hoofdzin:

(5) Gisteren ben ik vroeg opgestaan, maar toch kwam ik te laat op mijn werk.

(6) Als je wilt, kan ik morgen al komen. (bijzin is bijwoordelijke bepaling/zinsdeel)

Zie ook

Bijvoeglijk naamwoord
Bijwoord
Bijzin
Hoofdzin
Kern
Predicatieve nabepaling
Voorzetselgroep
Zinsdeel