Een zinsdeel is een zelfstandig functionerend woord dat of een zelfstandig functionerende woordgroep die bepalend is voor de betekenis van een zin. Zinsdelen zijn bijvoorbeeld het onderwerp, het lijdend voorwerp en het gezegde. Voorbeelden:
(1) [De opgeschoten jongens (= onderwerp)] [slenteren (= gezegde)] [de hele dag (= bijwoordelijke bepaling van tijd)] [langs de straat (= bijwoordelijke bepaling van plaats)].
(2) [Een groep terroristen (= onderwerp)] [heeft] [de verantwoordelijkheid voor de bomaanslag (= lijdend voorwerp)] [opgeëist (heeft...opgeëist = gezegde)].
Gezegde
Lijdend voorwerp
Meewerkend voorwerp
Ondervindend voorwerp
Onderwerp